Persconferentie minister-president na de MR 10 december 2010

Letterlijke tekst van de persconferentie van minister-president Rutte na afloop van de ministerraad op 10 december 2010.

RUTTE:
Dank, en goed u weer te zien aan het eind van deze week. Ik moet zeggen, ik heb in de afgelopen weken met bewondering gekeken naar het tempo waarop in de Tweede Kamer de begrotingbehandeling heeft plaatsgevonden. Inmiddels zijn, op de begroting Buitenlandse Zaken na, zo'n beetje alle begrotingen langs geweest. Dus dat ligt behoorlijk op schema. En dat in een tijdspanne van ongeveer vijf weken. Dus ik geloof niet dat er in de recente geschiedenis zo snel zo veel begrotingen zijn behandeld in de Tweede Kamer dus dat is volgens mij voor alle betrokkenen lof, uiteraard de Kamerleden, maar toch ook wel voor de betrokken ministers en staatssecretarissen. Maar zeker voor de Kamer. Het goede nieuws is dat we volgend jaar ook echt aan de slag kunnen met het een heleboel inhoud. Nou, vandaag in de ministerraad hebben we weer gesproken over twee strategische posities. Die tot beleid later zullen leiden. Twee belangrijke strategische notities mag ik wel zeggen van de collega van Binnenlandse Zaken. Uiteraard, als de heer Donner stukken schrijft dan zijn ze altijd. Maar we hebben ook dingen gedaan vandaag die we naar buiten kunnen brengen. Er is namelijk een eerste wetsvoorstel gereed. Het wetsvoorstel Langstudeerders. En dat gaat over diegenen die ervoor kiezen om wat langer over hun studie te doen. Op zich is dat prima, maar er komt een moment dat je daarvoor ook een wat hoger collegegeld mag gaan vragen. Dat wetsvoorstel is vandaag dóór de ministerraad. Het gaat om ongeveer 60.000 langstudeerders op dit moment en wat wij zeggen tegen deze mensen is joh, als je inderdaad langer over die studie doet dan moet je ook accepteren dat we ook een hoger collegeld gaan vragen, dat kun je overigens lenen, via het zogenaamde collegegeldkrediet. Dus dat kant allemaal geleend worden. Maar het is niet zo dat we eeuwig door kunnen gaan mensen tegen een laag collegeld te laten studeren. Uiteindelijk hebben we dat geld vreselijk hard nodig wat naar het hoger onderwijs gaat voor heel andere zaken, namelijk het verbeteren van de kwaliteit van het hoger onderwijs. Dus alles wat we op het onderwijs bezuinigen zoals jullie weten, investeren we ook weer terug in dat hoger onderwijs. Vandaag is oud-minister, thans eurocommissaris, Neelie Kroes langsgeweest. Anderhalf uur met haar gesproken over haar portefeuille, de digitale agenda, maar ook de bredere Europese agenda is behandeld, de hele rol van de commissie. En dat was een heel plezierige discussie. En goed haar weer eens in ons midden. Ja, dan heb ik een paarse das om. Dat is niet omdat ik spijt heb van de politieke keuzes die ik gemaakt heb een paar maanden geleden. Die draag ik omdat het vandaar Paarse Vrijdag is en dat is een dag waarop op meer dan honderd scholen in Nederland zowel leerlingen als leraren vandaag iets paars dragen. En dat is om duidelijk te maken dat homohaat niet wordt geaccepteerd. Dat mensen in Nederland gewoon zichzelf moeten kunnen zijn. En u zult vandaag ook veel ministers en staatssecretarissen met paarse accenten aantreffen. Waar ze die verstopt hebben, polsbandjes etcetera, ik heb het maar in de vorm van een das gedaan. Ik vind het een mooi statement. Het is een statement tegen homofobie. Het is een statement voor een vrij en veilig Nederland. Maar ook een statement dat scholen een veilige plek moeten zijn waar mensen vooral ook zichzelf moeten kunnen zijn. Dat zal ik van mijn kant naar voren brengen. Nou, volgende week zal Maxime Verhagen hier staan. Want dan zit ik in Brussel op de Europese Raad. Die begint donderdag en die loopt dan door in de vrijdag, dus dan zal Verhagen hier zijn en u zult zien dat hij een zeer lange agenda dan te behandelen heeft. Want we zitten dan ook uiteraard vlak voor een korte recesperiode. Dus er zullen volgende week veel zaken op de agenda staan.

WESTER:
Meneer Rutte, heeft het kabinet ook nog gesproken over WikeLeaks en de mogelijke gevolgen van openbaringen die Nederland betreffen?
RUTTE:
Ja, die WikiLeaks dat komt week batchgewijs door. Dus iedere week gaat het er wel even over. Maar niet in het bijzonder.

WESTER:
Maar heeft u misschien ook gevraagd in de ministerraad zijn er nog dingen vanuit het vorige kabinet die nu naar buiten kunnen komen en waar wij ons op moeten voorbereiden? Ik denk bijvoorbeeld aan minister Verhagen die toen minister van Buitenlandse Zaken was.

RUTTE:
Ja, ik ken Verhagen als een verstandig minister van Economische Zaken thans, en Landbouw en Innovatie. Ik heb geen enkele reden om aan te nemen dat hij dat niet was toen hij op Buitenlandse Zaken zat. Dus ik hoop dat zijn inspanningen recht wordt gedaan in de komende lekkages uit WikiLeaks.

WESTER:
Maar verwacht u bepaalde dingen al, bereidt u zich er op voor?

RUTTE:
Uiteraard, op Buitenlandse Zaken wordt er heel goed naar gekeken. Daar is men ook voorbereid als er zaken komen die schadelijk zouden kunnen zijn voor onze internationale relaties dat daar weer snel op gereageerd kan worden. Maar het is niet zo dat we nu met de billen bij elkaar afwachten wat er komt.

WESTER:
Heef u het met uw collega's over de internationale context gehad?

RUTTE:
Nee.

BRIL:
Een 16-jarige jongen die is opgepakt omdat hij een credicardsysteem heeft gehackt. En vandaag is een site van het OM platgelegd. Wat vindt u van die acties?

RUTTE:
Zo'n hackeraanval op een site, die moet natuurlijk ordelijk bekeken worden, of daar vervolging op plaats moet vinden of niet. Dat is aan het Openbaar Ministerie.

BRIL:
Nu zouden dat WikiLeaks-sympathisanten zijn, die beide voorbeelden die ik noemde. Maakt u zich daar zorgen over? Dat bijvoorbeeld ook andere sites van de overheid of andere systemen van de overheid gehackt zouden kunnen worden?

RUTTE:
Ja, ik kan mij in deze baan over alles zorgen maken. Maar dan word je niet veel ouder. Zaak is dat we de autoriteiten hebben die daar op toezien. En als dat zou gebeuren dan wordt er vervolgd als men dat noodzakelijk acht. Dat is een zaak voor het Openbaar Ministerie. Dat is niet iets voor het kabinet.

BRIL:
Natuurlijk kunt u zich elke dag overal zorgen over maken. Maar het zijn twee incidenten achter elkaar die wel gevolgen hebben. Kan me voorstellen dat u eens na gaat denken van: hebben wij alles van wat de overheid betreft wel goed beveiligd?

RUTTE:
Nou, in ieder geval in Amerika niet. Dat blijkt wel, dat dit allemaal naar buiten kan komen. Ik heb eerder gezegd, dat is goed nieuws voor de Nederlandse ICT-industrie om te kijken of wij als het gaat om beveiling van ICT-systemen nog iets kunnen exporteren. Uiteraard heeft ook Buitenlandse Zaken opnieuw gekeken naar de veiligheid van de eigen systemen. Het hacken van sites is gewoon strafbaar en het OM moet dan bekijken of er vervolging wordt ingesteld.

BRIL:
Maar u maakt zich geen zorgen dat essentiële zaken voor de overheid gehackt worden zodat er problemen ontstaan.

RUTTE:
Wat we in ieder geval met elkaar besproken hebben in het kabinet, al eerder toen dit allemaal begon, een paar weken geleden, is dat iedereen heel scherp opnieuw moet kijken naar de vitale systemen of die goed beveiligd zijn. Dit dwingt je nog eens een keer opnieuw door die lens naar de situatie te kijken. Maar het is niet zo dat ik nu constant denk wat zou er naar buiten kunnen komen.

BRIL:
Maar is bij het bekijken van die lijst nog wat opgeleverd?

RUTTE:
Dat is een verantwoordelijkheid van de onderscheiden ministers. Dat hebben we niet in het kabinet terug laten komen.

BRIL:
U heeft dan ook aanwijzingen dat er een grote WikiLeaks-aanval op wat dan ook in Nederland gebeuren gaat?

RUTTE:
Nee.

FD:
De voltallige oppositie heeft schriftelijke vragen gesteld om toch nog een nulmeting te krijgen over 48 onderwerpen. Dat is dan met een motie niet gelukt. Vindt u het een goede zaak dat dat nu alsnog…

RUTTE:
Dat is voor mij nieuws. Ik heb het nog niet gehoord. Dat is net gebeurd waarschijnlijk?

FD:
Ja.

RUTTE:
Ja, wist ik niet.

FD:
Bent u er blij mee dat er nog zo'n nulmeting gaat komen op die manier?

RUTTE:
Nou, u kent mijn standpunt. Er is een systeem, de motie Pechtold. En moties van de heer Pechtold die hebben altijd onze bijzondere aandacht. Nou, er is een motie van Alexander Pechtold. Een goede motie. Die zegt, van een paar jaar geleden, je hebt het systeem van beleidsverantwoording achteraf, beleidsvoorbereiding vooraf. Dus het hele september Prinsjesdag en mei Gehaktdag, dus het moment dat de regering met z'n verantwoording komt proces. En ik heb in de Kamer gezegd, ik geloof drie weken geleden in een debat, hierover naar aanleiding van de hervormingsvoorstellen van dit kabinet en vragen over de verantwoording, dat dat zo zou landen in de normale verantwoordingssystematiek. Maar dit nieuwe verzoek ken ik niet. Er is toen een motie ingediend bij dat debat. Die is afgewezen. Om toch al meer nu al te geven. En ik heb gezegd dat vind ik onverstandig. A, omdat je een hoop bureaucratie oproept. U kent die ouwe delivery-systemathiek. Het stoplicht stond op groen dat het kabinet het Palestijns-Israëlisch conflict had opgelost, dat systeem. Dat werkt dus niet. En een hoop bureaucratie en een hoop gedoe. En de tweede reden waarom ik het niet wil, is dat we dan veel te snel met voorstellen moeten komen terwijl ik het ook van belang vind dat we die voorstellen als kabinet goed voorbereiden, maar wel ook de kans nemen om bijvoorbeeld met de oppositiepartijen te kijken naar wat zij van zaken vinden. He, dat uisteken van de handen betekent ook wel, in een normaal proces met elkaar daarover spreken. En als ik dat nu allemaal heel snel moet gaan doen dan heb ik dus A een hoop bureaucratie en B ontneem ik mijzelf kansen om met de oppositie te kijken of je het eens kunt worden over aanpak van zaken.

JANSEN:
U was toch als Kamerlid onder Balkenende III voorstander van zo'n systeem, zo'n nulmeting?

RUTTE:
Dat was iets anders. Ik heb toen ook die motie Pechtold gesteund en die motie is aangenomen en die voeren we nu uit. Die motie zeg dat je als kabinet ervoor moet zorgen dat de zaken goed gevolgd kunnen worden. Ik heb ook de Kamer verteld, toegezegd, dat wij eenmalig, in mei aanstaande over de hervormingsvoorstellen van het kabinet een aantal zaken naar voren halen zodat iedereen precies weet hoe wij vanaf mei tot richting september, dus de opstelling van de begroting, alles voorbereiden. Maar nu hals over kop met allerlei doelstellingen en zo komen dat werkt niet. Dan zit ik met een hele hoop papier dadelijk in de Kamer. Ik moet hals over kop voorstellen uitwerken waar ik juist ook met politieke partijen misschien het gesprek over aan wil gaan. En nogmaals, dit is een herhaling. We hebben dat drie weken geleden gehad dat hele debat. En die motie is toen afgewezen.

VAN DER HEIJDEN:
Maar meneer Rutte, u krijgt nu gewoon concrete vragen. Bijvoorbeeld: hoeveel agenten zijn er op dit moment? Want de belofte is dat er 3000 bijkomen. Dus wat fractievoorzitter Pechtold zegt is dat als je iemand een loonsverhoging belooft dan is het wel handig om te weten wat iemand nu verdient. Dat is logica erachter. Dat klinkt toch ook heel logisch?

RUTTE:
Ja, en moet je dat volgens de methode van Pechtold doen. Dat is zijn eigen motie. Die voeren we uit. En dat betekent dat in mei het kabinet inzage zal geven in nulmetingachtige zaken. Dat precies gevolgd kan worden, vanaf mei, hoe die grote hervormingen eruit zien. Dat houdt ook in dat in september, bij het opstellen van de begroting, tegen de achtergrond van wat we in mei naar buiten brengen, dat goed kan gebeuren. Maar nu, december, januari, het kabinet is net begonnen. Heel veel van die voorstellen willen we juist ook met de oppositiepartijen goed doorspreken. Nu hals over kop met allemaal nulmetingen komen. Dat vind ik onverstandig. En nogmaals, dat hele debat is gevoerd. Dit is een herhaling van zetten. Drie weken geleden hebben we dat urenlang besproken. Een hele avond lang in de Kamer. Ik heb toen uitgelegd waarom ik het geen goed plan vond. Er is een motie ingediend die dit vroeg. Die motie is verworpen. Uiteraard mag het opnieuw geprobeerd worden, maar ik moet lezen wat hij precies wil. Maar ik zal waarschijnlijk dat langs deze lijn uitvoeren.

VAN DER HEIJDEN:
Er zijn 75 pagina's met schriftelijke vragen, heel gedetailleerd. Hoeveel verpleegkundigen hebben we op dit moment, hoeveel agenten, etcetera. Het kabinet zal toch, de verschillende departementen zullen verplicht zijn om daar antwoord op te geven. Dus dan krijgt u alsnog die bureaucratie waar u zo bang voor was.

RUTTE:
Wij zullen altijd de verantwoordingsplicht naar de Kamer goed vormgeven. Maar het is niet zo dat iedere Kamervraag perse gedetailleerd beantwoord hoeft te worden.

VAN DER HEIJDEN:
Zegt u dan nu al we gaan dat niet in detail beantwoorden?

RUTTE:
Ik moet eerst de vragen bekijken. U vertelt mij nieuws. Dit is net gebeurd blijkbaar. Ik heb ze niet gezien.

MEIJER:
Wat zegt het over de Nederlandse samenleving dat ministers vandaag met paarse armbandjes en stropdassen moeten rondlopen?

RUTTE:
Dat zegt iets over Nederland dat wij een land zijn dat heel tolerant is gelukkig en ook tolerant staat tegenover, bijvoorbeeld in dit geval homoseksualiteit. Tolerant staat tegenover allerlei zaken waar mensen gewoon persoonlijk keuzes maken in hun leven en dat belangrijk vinden. Een ontspannen samenleving. Maar tegelijkertijd die erkenning dat het helaas als het om dit onderwerp gaat er nog steeds teveel kinderen zijn die op de een of andere manier angstig zijn om ervoor uit te komen.

MEIJER:
Dus zo ontspannen is het niet?

RUTTE:
Nee, dus aan de ene kant denk ik dat we een heel mooi land hebben waarin iedereen zichzelf zo veel mogelijk kan zijn. Uiteraard binnen de wet. En dit is allemaal binnen de wet, meer dan. Maar tegelijkertijd het toch zo is dat je moet vaststellen dat, uit al die onderzoeken blijkt dat, er ja, teveel kinderen zijn die zich niet comfortabel voelen.

DE WINTER:
U zegt dat u zich niet zo snel over van alles zorgen maakt of wilt maken. Maar ik kan me voorstellen dat er toch wel enige ongerustheid is over het belastingplan in de Eerste Kamer nu duidelijk is geworden dat het daar nou niet echt bepaald van een leien dakje gaat.

RUTTE:
Kijk, de Eerste Kamer heeft op het belastingplan geen uitspraak gedaan, alleen een motie ingediend en die moet nog in stemming komen over het terugdraaien van de BTW-verhoging op kaartjes. Die komt dinsdag in stemming. Dat gaan we even rustig afwachten eerst.

DE WINTER:
U weet natuurlijk ook dat de enige manier om uiteindelijk je zin te krijgen,  als fractie in de Eerste Kamer, is om het hele belastingplan tegen te houden als u met die motie niks gaat doen.

RUTTE:
Eerst moet de motie worden aangenomen. U schetst nu al een nucleair scenario. Het is tamelijk nucleair dat de Eerste Kamer een heel belastingplan zou afstemmen. Waarin overigens heel veel lastenverlichtingen voor volgend jaar zitten. Als dat belastingplan zou worden afgestemd, leidt dat enorme belastingverzwaringen voor de burger. Kan me niet goed voorstellen dat een Eerste Kamer dat nou zo snel zal doen.

DE WINTER:
Zou dat onverantwoordelijk zijn?

RUTTE:
Ik ben nog helemaal niet zo ver dat ik dat soort termen ga gebruiken. Nee, u bent in het nucleaire scenario gedoken en ik er nu geen stickers op plakken.

DE WINTER:
Nou ja, omdat de hele oppositie natuurlijk z'n handtekening heeft gezet onder die specifieke maatregel.

RUTTE:
Ja, maar dat is één motie over één specifiek onderwerp. En u bent al zo ver dat daar heel vergaande consequenties aan worden verbonden.

DE WINTER:  
U verwacht niet dat de hele oppositie z'n poot stijf zal houden.

RUTTE:
Ik verwacht dat we eerst de stemming moeten afwachten aanstaande dinsdag. Dat is stap één.

VOLKSKRANT:
Maar zijn de scenario's vanmiddag wel doorgeakkerd? Ook deze? Het nucleaire scenario?

RUTTE:
Een kabinet akkert altijd zoveel mogelijk scenario's door. Maar hoeft daar niet altijd uitvoerig mededelingen over te doen.

FD:
Het eerste wetsvoorstel wat erdoor is. Als ik het goed heb is dat iets soepeler dan in het regeerakkoord is afgesproken. Zijn er financiële consequenties en wat zijn dat?

RUTTE:
Ja, het levert meer op.

FD:
Het levert meer op?

RUTTE:
Ja. Nee, het levert 45 miljoen meer op.

FD:
Maar wat later misschien dan?

RUTTE:
Nee, gewoon het levert meer op. Ook omdat wij gewoon het regeerakkoord volgen. Het regeerakkoord zegt bij een uitloop van je studie krijg je de kans er één jaar langer over te doen. Nou, de bachelor is een studie, de master is een studie. Dus je mag maximaal één jaar uitlopen in de bachelor en één jaar in de masterfase. En het levert iets meer op dan we hadden begroot in de stukken. Maar dat is vaak zo hoor, dat je, als je dan voorstellen gaat uitwerken dat je zegt, nou het wijkt iets af, in dit geval in positieve zin, helaas ook soms in positieve zin, van de oorspronkelijke voorstellen.

FD:
Ik dacht dat het originele voorstel was om maar één jaar uitstel te geven?

RUTTE:
Ja, per studie. Een bachelor is een studie. Een masterfase is een studie. En het hele HBO is alleen bachelor. De meeste studenten in Nederland, 350.000, volgen een HBO-opleiding. Dan heb je zo'n 150.000 studenten die volgen een universitaire opleiding. En die doen twee studies. Eerst een bachelorstudie, BAMA-stelsel, en daarna doen ze nog een masteropleiding. Kijk,  en voor die masterfase geldt dat we daar met nadere, nog andere voorstellen gaan komen, om daar op termijn een sociaal leenstelsel voor in te voeren.

HEIJMANS:
Meneer Rutte, hoe staat het met de voorbereiding van het uitzenden van een politie/trainingsmissie naar Afghanistan?

RUTTE:
Daar zijn de gesprekken over gaande.

HEIJMANS:
Maar dat hoor ik al vier weken.

RUTTE:
Zeker.

HEIJMANS:
Gaat dat moeizaam?

RUTTE:
Ik kan er helemaal niets over zeggen. Behalve dat dat voorstel, verwacht ik, eerste helft januari, in het kabinet is.

HEIJMANS:
Dus uw aanvankelijke idee dat dat nog voor de Kers zou lukken, dat…

RUTTE:
Iets meer tijd nodig.

HEIJMANS:
U heeft wat meer tijd nodig?

RUTTE:
Ja.

HEIJMANS:
En waarom heeft u meer tijd nodig?

RUTTE:
Omdat we het zorgvuldig willen doen.

HEIJMANS:
Ja, maar dat wilde u een maand geleden ongetwijfeld ook, heel zorgvuldig doen.

RUTTE:
Ja, maar die zorgvuldigheid dwingt soms om iets meer tijd te nemen dan je aanvankelijk dacht nodig te hebben.

HEIJMANS:
Maar zijn er tegenslagen in het overleg?

RUTTE:
Nee, ik zal ook uitleggen waarom. Het is zoals u weet een minderheidskabinet. Dit is een zaak waar wij met de partijen die ons in de Tweede Kamer op veel punten wel steun geeft, hebben op dit punt geen steun. Dus we moeten tot een meerderheid zien te komen. Dat betekent achter de schermen overleg voeren. Dat is onvermijdelijk voor een minderheidskabinet. Tegelijkertijd zal uiteindelijk ook dat debat in de Kamer zelf in alle stevigheid gevoerd moeten worden. Maar dat moet zorgvuldig. Niet alleen omdat die gesprekken achter de schermen moeten plaatsvinden, want die hoeven op zichzelf ook niet zoveel tijd te kosten. Maar ook omdat je heel precies wilt weten hoe dan zo'n missie wordt opgezet in Afghanistan. Waar ga je dat doen? Onder welke voorwaarden? Hoeveel mensen met welke partners heb je daar te maken? Nou, dat moet allemaal heel zorgvuldig worden bekeken. En dat kost iets meer tijd. Dus ik dacht net voor de Kerst, het wordt na de Kerst.

BRIL:
Eén aanvullende vraag. Via WikiLeaks weten we dat Maxime Verhagen tegen Hilary Clinton heeft gezegd, wij willen best nog wat blijven doen in Afghanistan. Kunt u die uitspraak van 2009 richting Hilary Clinton waarmaken denkt u? Dat er wat gebeuren gaat?

RUTTE:
Het kabinet wil dat. Staat ook in het regeerakkoord.

BRIL:
Maar kunt u het ook waarmaken?

RUTTE:
Nou ja, daar zijn, dat was mijn vorige antwoord ging daarover. We zijn dus in gesprek, achter de schermen met politieke partijen en we zijn dus ook inhoudelijk aan het kijken hoe zo'n missie moet worden vormgegeven met politieke partijen en we zijn dus ook inhoudelijk aan het kijken hoe zo'n missie dan moet worden vormgegeven. En we zullen, verwacht ik, met voorstellen komen begin volgend jaar.

HEIJMANS:
Nog één aanvullende vraag: is het in die zin schadelijk? U wilt die missie graag. Maar dat uit WikiLeaks stukken is gebleken dat Van Rompuy heeft gezegd, van ach, Europa, wij zien helemaal niks meer in Afghanistan. Wij zitten er allen nog maar om vriendjes te blijven met de Verenigde Staten.

RUTTE:
Ik ken die uitspraken niet. En in ieder geval is het ook niet mijn uitspraak. Wij zitten in Afghanistan omdat we nog steeds met 700, 800 man in een afbouw nu, mannen en vrouwen, omdat wij oprecht vinden dat wil je veilig hebben dan moet je ook als Nederland je verantwoordelijkheid nemen in dit soort hele moeilijke gebieden. En ik vind het zeer verdedigbaar om zo'n trainingsmissie uit te zenden, omdat ik denk dat het een gebied is dat stabiel kan worden. Maar dan moet je er ook echt voor zorgen dat de lokale bevolking goed is opgeleid. In dit geval de police force, dat ie goed is opgeleid, en het is temeer van belang. Ook in ons nationaal belang omdat een stabiel Afghanistan betekent dat die hele regio stabiel is. Daarom moeten we het doen. En niet omdat je vriendjes wilt worden met land A, B, of C. Je moet dingen voor de primaire reden. En de primaire reden is het in ons belang stabiel krijgen van die regio.

HEIJMANS:
U bent het dus niet eens met Van Rompuy?

RUTTE:
Ik zou dus eerst moeten zien wat hij dan in die WikiLeaks, maar er zijn zoveel WikiLeaks, ik was al blij dat ik de WikiLeaks over Verhagen kan bijhouden. En die van Van Rompuy heb ik nog even gemist. Overigens haast ik mij te zeggen dat ik in de uitspraken van Verhagen geen vreemde dingen heb aangetroffen.

JULIUS:
Ik wou u vragen, u heeft gebeld met de vakminister. Dat zei ie tenminste tegen mij, Opstelten. En dat vind ik fantastisch. Is dat niet een beetje gevaarlijk als ie als minister doet wat ie zegt.

RUTTE:
U bent dat niet gewend begrijp ik?

JULIUS:
(…) Dat vind ik heel fantastisch . Nou had ik, heeft u het boek nou helemaal uit?

RUTTE:
Nee, nee, nog niet. Helaas.

JULIUS:
Een belangrijk punt, dat die meneer Spijker, die wilt u toch absoluut toch ook hebben, dat die spijkers uit het probleem van de staat komen. Dat heeft Hans Hillen belooft dat die dat in  januari zou oplossen met mij, tenminste dat we erover gaan praten. Vindt u dat belangrijk?

RUTTE:
Luister, dat laat ik echt even, daarvoor wil ik echt niet in de bevoegdheid van de minister treden.

JULIUS:
Nee, daarom juist.

RUTTE:
Ja.