Rutte: ‘Steun Kamer hart onder riem van Nederlandse militairen’

‘Ik ben blij met de historisch brede steun die de Tweede Kamer gisteren heeft uitgesproken voor de inzet van Nederlandse militairen in Irak.’ Dat liet minister-president Rutte weten na afloop van de ministerraad.

RUTTE
Goedemiddag. Vandaag bij hoge uitzondering een gast ontvangen in de ministerraad, de president van de Europese Raad, Herman van Rompuy. Ik heb hem mogen onderscheiden met de versierselen voor Ridder Grootkruis in de Orde van Oranje Nassau. Dit alles voor zijn enorme verdienste voor de Europese Unie, maar ook voor de Nederlandse samenleving. Hij heeft een grote rol gespeeld, ik kan wel zeggen een tamelijk cruciale rol gespeeld in de periode 2011-2012 bij het overkomen, bij het op een goede manier beëindigen van de eurocrisis die toen speelde, waar we nog steeds met de naweeën van te maken hebben. Het is toen gelukt om in een heel moeilijke situatie als Europese Raad op één lijn te komen. Maar ook in de jaren erna heeft Herman van Rompuy een grote betekenis gehad om de ingewikkelde Europese besluitvorming regelmatig te beslechten met gezamenlijke conclusies en dat is voorwaar een prestatie. Europa biedt ons veiligheid, het biedt ons stabiliteit, economische vooruitgang en zeker is dat van belang, die veiligheid en stabiliteit, in een situatie waarin we worden omringd door zones van instabiliteit. Denk aan het conflict in het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Daarnaast blijft de veiligheidssituatie in Oost-Oekraïne ondanks het op 5 september overeengekomen staakt-het-vuren onoverzichtelijk en fragiel en gezien die aanhoudende, instabiele en onveilige situatie in de directe omgeving van het rampgebied van vlucht MH17 is terugkeer van de repatriëringsmissie op verantwoorde wijze tot nu toe niet mogelijk gebleken. En de mogelijkheid om op korte termijn terug te kunnen gaan lijkt ook steeds kleiner te worden. Ook de inval van de winter zal de terugkeer verder bemoeilijken. Daarom zijn we actief op zoek gegaan naar andere manieren om de persoonlijke bezittingen van de slachtoffers terug te kunnen krijgen. Zo zal nu het lokale agentschap voor de rampenbestrijding, vergelijkbaar met wat wij in Nederland vroeger hadden met de bescherming burgerbevolking, het heet in dit geval de SES, die zal daar waar dat mogelijk is in het rampgebied verzamelen. De interim-missie blijft gewoon ter plaatse om dit verder te coördineren, dus in Kiev, maar ook in Charkov. En het is ook nodig om als het toch mogelijk zou zijn voor de winter invalt om heel snel terug te kunnen gaan naar het rampgebied, mocht de veiligheid dat alsnog toelaten. Dit alles tegen de achtergrond van het feit dat de inspanningen van het kabinet gericht blijven op onze drie geformuleerde doelstellingen: het repatriëren van resterende stoffelijke overschotten en persoonlijke bezittingen, onderzoek naar de toedracht van de ramp en het strafrechtelijk onderzoek. Volgende week zullen de meest betrokken bewindspersonen met de Kamer komen te spreken over de laatste zand van zaken aan de hand van de brief die daarover aan de Kamer is gezonden gisteren in de namiddag. Voor ons staat voorop dat we recht kunnen doen aan de nabestaanden. Ik heb dit ook tijdens verschillende bijeenkomsten, dat contact en informatie van heel groot belang zijn voor het verwerkingsproces. Daarom staat de nationale herdenking op 10 november ook in het teken van geborgenheid en verbinding. Tijdens de nationale herdenking worden alle 298 slachtoffers van vlucht MH17 herdacht. Tenslotte wil ik op deze plaats felicitaties uitspreken voor Malala Yousafzai en Kailash Satyarthi, die de Nobelprijs voor de Vrede krijgen voor hun strijd tegen de onderdrukking van kinderen en voor het recht van kinderen op onderwijs. Ik heb Malala in september 2013 mogen ontmoeten bij de uitreiking van de Kindervredesprijs hier in de Ridderzaal in Den Haag, maar ook weer in mei dit jaar bij de toekenning van de Four Freedoms Award. Ze maakte op mij een diepe indruk met haar pleidooi voor onderwijs voor ieder kind en bij mij is vooral ook de uitspraak blijven hangen dat één potlood, één boek, één leraar of één kind de wereld kan veranderen. En Malala is daar vandaag extra het levende bewijs van. 

De parlementaire steun is niet alleen belangrijk voor het kabinet, aldus Rutte. ‘Het is vooral een hart onder de riem voor onze mannen en vrouwen die het werk gaan doen. Zij gaan voor ons allemaal een moeilijke en gevaarlijke taak uitvoeren. En zij verdienen daarvoor waardering en steun van ons allemaal.’

Brede coalitie tegen ISIS

Rutte liet weten dat Nederland zich ‘met overtuiging’ aansluit bij de brede coalitie tegen ISIS. ‘We nemen opnieuw onze internationale verantwoordelijkheid. We belijden onze kernwaarden niet alleen met de mond, we voegen nu ook de daad bij het woord.’