Verplichte alcohol- en drugstest voor geweldplegers per 1 juli landelijk uitgerold

Hogere strafeisen voor geweldpleging onder invloed

Vanaf 1 juli zal de politie haar wettelijke bevoegdheid om verdachten van geweld te testen op drank en drugs landelijk gaan toepassen. De Wet middelenonderzoek bij geweldplegers is op 1 januari 2017 in werking getreden, maar werd in het eerste half jaar alleen op kleine schaal beproefd. Daarbij is alleen getest op alcohol. Vanaf 1 juli test de politie ook op drugs en wordt de wet landelijk uitgerold. De politie moet wel aanwijzingen hebben dat het geweld onder invloed van alcohol of drugs is gepleegd.

 

Wetenschappelijk is vastgesteld dat het gebruik van alcohol en bepaalde drugs belangrijke risicofactoren zijn voor geweldpleging. Zo’n 26% tot 43% van het geweld in Nederland heeft te maken met alcohol. Ook cocaïne, amfetamine en methamfetamine verlagen de drempel voor geweldpleging. Geweld onder invloed leidt bovendien vaak tot veel zwaarder letsel.

Als uit het wettelijk verplichte middelenonderzoek blijkt dat het geweld gepleegd is onder invloed van alcohol of drugs, moet de verdachte rekening houden met een hogere strafeis. Die hogere eis kan bestaan uit een hogere boete of een langere taak- of celstraf, maar ook uit bijzondere voorwaarden, zoals het alcoholverbod, om de recidive en verslaving aan te pakken.

De alcohol- en drugstesten worden niet alleen ingezet bij geweld tegen personen, zoals (zware) mishandeling, openlijke geweldpleging en zedenmisdrijven, maar ook in het geval van vandalisme en dierenmishandeling. Nederland is tot nu toe het enige land waar op alcohol en drugs kan worden getest om een zwaardere straf te kunnen eisen bij geweld onder invloed.