Spreektekst staatssecretaris Heijnen voor start uitvoering PHS Amsterdam, 19 september

“Na een hele lange aanloop en voorbereidingstijd van meer dan 10 jaar gaat nu echt de schop de grond in van PHS Amsterdam Centraal. Een enorm project dat nodig is om meer tienminutentreinen mogelijk te maken. Daarmee geven we het spoor de ruimte die het verdient.” 
Dat zei de staatssecretaris vandaag 19 september, bij de start van PHS (Programma Hoogfrequent Spoor) Amsterdam Centraal.
 

Beste mensen, 
 

  • Allereerst dank voor de uitnodiging. Mooi om hier met jullie vandaag een  belangrijk moment voor het spoor te markeren. We staan aan het begin van een nieuw hoofdstuk. Na een hele lange aanloop en voorbereidingstijd van meer dan 10 jaar gaat nu echt de schop de grond in van PHS Amsterdam Centraal.
  • PHS Amsterdam Centraal, dat zegt de willekeurige Amsterdammer niet veel denk ik. Maar als je het vertaalt naar iedere tien minuten een trein, dan wordt het al een stuk duidelijker. 
  • Dat is wat we willen: tien-minutentreinen op de drukste routes in Nederland. Deze ambitie blijft. Met als doel ons treinvervoer sneller, betrouwbaarder en veiliger te maken. Heel belangrijk onderdeel van de slag die we maken om ons openbaar vervoer klaar te maken voor de toekomst, met meer capaciteit en minder verstoringen.
  • Op twee trajecten hebben we tienminutentreinen al rijden: Amsterdam-Utrecht-Eindhoven, en op het traject Schiphol-Utrecht-Nijmegen. Heel jammer natuurlijk dat de NS kampt met personeelstekort en dat de frequentie tijdelijk is teruggebracht. Maar ik ga ervan uit dat dit tijdelijk is. 
  • Waar het om gaat: ons openbaar vervoer is onmisbaar in ons land dat steeds drukker wordt. We zijn graag onderweg, naar familie, werk, studie. Onze mobiliteit groeit en de urgentie om dit zonder CO-2 uitstoot te doen neemt toe. 
  • Het spoor is één van de schoonste vormen van vervoer en daarom ook cruciaal om onze klimaatdoelen te halen. Het spoor groeit door tot 2040. We zien dat ook op Amsterdam Centraal, met nu 200.000 reizigers per dag en in 2030 zo’n 275.000.  
  • Dat willen we op een goede manier opvangen. En dat vraagt wel wat; het is een enorme puzzel die we aan het leggen zijn en dat veel precisiewerk vraagt. Jullie weten daar alles van! Het is passen en meten omdat we al een van de meest complexe en intensief gebruikte spoornetwerken hebben.
  • Ik heb begin dit jaar in Geldermalsen al gezien wat dit betekent. Heel veel werk achter de schermen. Daar is een belangrijk spoorknooppunt uit elkaar getrokken om de tienminutentreinen meer ruimte te geven. Dat was een afronding van een groot project. 
  • Hier vandaag in Amsterdam staan we aan het begin. Met een hele indrukwekkende lijst van deelprojecten. Met natuurlijk het eerste zichtbare project hier op de Dijksgracht waar een ongelijkvloerse kruising wordt aangelegd. 
  • Tijdens deze klus, die wel tien jaar duurt, moeten treinen blijven rijden, reizigers veilig gebruiken maken van het station en moet de omgeving bereikbaar blijven.  
  • Daar zijn veel medewerkers van veel partijen met hart en ziel bij betrokken: ProRail, gemeente, vervoerders, maar ook alle uitvoerende partijen. Dat is echt een huzarenklus, en dat vraagt heel veel inzet, betrokkenheid en creativiteit van ons allemaal. 
  • Zeker in een periode die onzeker is, met kwesties als beperkte arbeidscapaciteit en hoge kosten die we allemaal merken. Goede samenwerking is meer dan ooit nodig!  
  • Laten we gezamenlijk bouwen aan het spoor van de toekomst en het vervoer per spoor de ruimte geven die het verdient. We gaan aan de slag en ik wens iedereen daar veel succes mee! 


Korte QenA met bestuurders ProRail, NS en wethouder

U komt uit Maastricht, u bent een staatssecretaris die het belang van goede verbindingen met de verschillende regio’s van Nederland heel belangrijk vindt. Wat vindt u dan van dit project?
 

  • Het klopt dat ik hamer op goede verbindingen met alle landsdelen in Nederland en met goede grensoverschrijdende verbindingen
  • Maar we hebben in Toekomstbeeld OV ook afgesproken dat we tussen de grote steden meer en snelle frequente verbindingen willen.
  • Want het gaat tussen de grote steden om hele grote aantallen reizigers die met de trein naar werk, studie, familie, theater, musea en winkels gaan.
  • Dus ik ben misschien een staatssecretaris met een focus op de regio, maar ik ben ook heel erg voor goede verbindingen tussen de grote steden.