AutoRai

9-1-2002

Magellan, Volkswagens antwoord op SUV's

Traditioneel presenteert Volkswagen op de North American International Auto Show in Detroit (12 t/m 21 januari 2002) een spannende vooruitblik op de toekomst: de Magellan, een nieuw veelzijdig reisconcept.

Concept
Het naar de Portugese ontdekkingsreiziger Fernão de Magalhães genoemde studiemodel drijft met zijn 202 kW / 275 pk sterke W8-motor alle vier de wielen aan. Daarnaast beschikt de auto over een luchtgeveerde wielophanging met een actief, hydraulisch dempingssysteem. Deze technische eigenschappen lijken te wijzen op een terreinwagen, maar de Magellan is meer. Want deze studie moet, net als zijn oorspronkelijke naamgenoot, in meer werelden thuis zijn. Deze veelzijdigheid is niet zonder reden. Waar de vorige twee concept cars (2000: AAC pick-up; 2001: Microbus ruimtewagen) duidelijke segmenten vertegenwoordigden, is dat bij de in Patagonia Green gelakte Magellan bewust onmogelijk. Want deze studie combineert het beste uit drie werelden en definieert daarmee perspectieven voor een nieuw marktsegment.

De Magellan is een crossover. Daarmee worden nieuwe autoconcepten aangeduid, waarin geselecteerde eigenschappen van diverse segmenten zijn gecombineerd. In het geval van de Magellan voegde een team van het Volkswagen Design Center Europe in Sitges, bij Barcelona, de emotionaliteit van een moderne terreinwagen (SUV - Sport Utility Vehicle) samen met de grote variatiemogelijkheden van een ruimtewagen (MPV Multi Purpose Vehicle) en met de wendbare, personenauto-handelbaarheid van een stationwagen. Het resultaat is een crossover-concept.

De lengte van 4.685 mm en breedte van 1.860 mm komen overeen met die van SUVs. De hoogte van de Magellan is met 1.620 mm echter een nieuwe maat: het studiemodel is lager dan terreinautos en MPVs, maar hoger dan een stationwagen.

De Magellan speelt daarmee in op wensen van automobilisten die zich vanwege hun veelzijdige wensen bij geen van de drie klassieke segmenten SUV, MPV of station thuis voelen. Daarentegen weten ze wel van elke klasse bepaalde kernaspecten te waarderen. Voorbeelden zijn hoge zitpositie, terreinvaardigheid, veel interieur- en bagageruimte, en wend-/handelbare rijeigenschappen. Een ander elementair punt is de wens naar individualiteit.

Exterieur
De Magellan onderscheidt zich niet alleen door zijn technologische aspecten, maar ook door het carrosserie-ontwerp. Dit combineert het solide karakter van een terreinauto met de ruimtelijke openheid van een ruimtewagen en het lijnenspel van een Variant.

Klassieke ontwerpdetails die de off-road-kwaliteiten van het studiemodel optisch accentueren zijn de uitgebouwde wielkasten die stilistisch het ontwerp van de lichtmetalen velgen voortzetten, de 19-inch 6-spaak-velgen met 245-serie Michelin PAX-banden (vanwege de noodloopeigenschappen van het PAX-systeem is geen reservewiel nodig), de grote bodemvrijheid, de korte overhangen vóór en achter en een in verhouding lange motorkap. De Variant-elementen die het Crossover-principe verduidelijken sluiten hier harmonieus op aan en zorgen voor een duidelijk contrast met conventionele SUVs. Voorbeelden zijn de sterk hellende voorruit, het vlakke silhouet en de lange, doorlopende zijruitvorm à la sportwagons. Het thema ruimtewagen komt vooral terug in de breedte en hoogte van het studiemodel, in het heldere, open karakter van het design, en in het interieur.

Een ander karakteristiek stylingelement is de C-stijl. Deze is opvallend breed en is aan de voorzijde uitgevoerd als sterk en krachtig onderdeel van het gelakte portierframe. Ook het front van de auto onderscheidt zich door een markant design. De naden tussen motorkap en spatborden lopen door tot in de koplampeenheden. De naden scheiden hier de als dynamic beams ontworpen, met het stuur meedraaiende koplampen van de richtingaanwijzers. In tegenstelling tot deze harde lijn loopt de motorkap zonder knik in het front door. Alleen de manier waarop de kap is gewelfd en de grafische indruk van koplamptechniek en koelluchtopeningen definiëren ook op grillehoogte het volledig nieuw ontworpen front.
Een mogelijk ontwerpidee is de positie van het Volkswagen-logo. In tegenstelling tot de huidige productiemodellen is het niet in de grille, maar daarboven in de motorkap geïntegreerd. Een positie die tot nu toe vanwege het concept alleen bij het studiemodel Microbus werd toegepast.

Interieur
Het interieur van de Magellan moest volgens de ontwerpdoelstellingen bijzonder licht, luchtig en royaal overkomen, om reizen zo interessant en comfortabel mogelijk te maken.

Daarom doen ruimteverhoudingen, indeling en zitconcepten denken aan een MPV in een formaat onder de Microbus. Het interieur van de Magellan is toegepast in hoogwaardige en robuuste materialen: twee qua kleur contrasterende ledersoorten voor stoelen en bekleding, aluminium voor bedieningselementen en sierlijsten. Ook een ongebruikelijke lichtheid van de vormen en schijnbaar vrij zwevende details zijn in het interieur verwerkt.

De armaturen zijn totaal nieuw. De dominerende elementen zijn de instrumenten en bedieningsorganen. Deze zijn niet langer onderdelen van een klassieke cockpit, maar zweven, als 110 centimeter lange, doorlopende info- en bedieningszuil horizontaal in een 30 centimeter hoge ruimte tussen de basisconstructie van het dashboard en een donker, deels met leder bekleed armaturendak, dat weerspiegelingen in de voorruit verhindert. Alle instrumenten en displays kunnen ideaal worden bekeken en alle bedieningselementen optimaal worden bereikt. Het middelste hoofdinstrument met zijn infotainment-module is door de symmetrische opbouw van de cockpit even goed bereik- en bedienbaar door de bestuurder als door de voorpassagier.

Een ander detail: de Magellan is uitgerust met een zogenoemd GPS to Go navigatiesysteem dat vanuit de auto kan worden meegenomen als de bestuurder de auto verlaat voor een wandeling of een fietstocht. Al niet minder interessant is de midden van het dashboard gescheiden console. De doelstelling hierbij was een duidelijke scheiding tussen comfortfuncties (airconditioning, stoelverwarming, etc.) en rijfuncties (bijvoorbeeld de korte, aluminium keuzehendel van de automatische transmissie). De automaat (Tiptronic) kan ook handmatig worden geschakeld via peddels achter het stuur.

Formeel heeft de tweekleurige middenconsole maar weinig overeenkomsten met huidige oplossingen. Ook hier bieden de ontwerpers een vooruitblik op hoe interieurelementen er in de toekomst uit zouden kunnen zien. Of dergelijke oplossingen door het publiek worden gewaardeerd, moet met de Magellan worden geanalyseerd. Wat wel al vaststaat: de als een verlengde middenarmsteun gevormde console biedt in relatie tot de keuzehendel de perfecte ergonomie voor de bedienende hand. De arm vindt intuïtief de hendel en een comfortabele rustpositie.

Het innovatieve karakter van dit studiemodel geldt ook voor de interieurindeling en het zitconcept. In totaal biedt de Magellan plaats aan zes personen, op drie zitrijen. Net als voorin staan er op de tweede rij aparte stoelen; achterin is er een tweepersoons bank. In alle rugleuningen bevinden zich geïntegreerde schouderpunten voor de veiligheidsgordels. Het ontwerp borduurt verder op het thema van de kuipstoel. Optisch en technisch zijn ze ruimtebesparend geconstrueerd. Dat is te danken aan een zogenoemde monorail-dragerconstructie, midden onder elke stoel, en in de multiplex vloer geïntegreerde langsverstelrails die een optimale ruimtebenutting mogelijk maken. Daarnaast ontstaat hierdoor, net als bij de instrumenten, de indruk van vrij zwevende stoelen. De derde rij kan daarnaast volledig in de vloer worden weggeklapt.

In het interieur is ook duidelijk sprake van parallellen met de Microbus. Parallellen die duidelijk maken, dat Volkswagen ook automobiele ideeën voor de toekomst strategisch en systematisch benadert.

In de dakconsole bevinden zich naast de interieurverlichting ook een kompas en een draaibare camera. Deze camera maakt een veilige communicatie met personen achter in de auto gemakkelijker. Ook de in twee kleuren uitgevoerde portierpanelen vormen een nieuw design-aspect. Bij huidige productiemodellen hebben de portierpanelen van voor- en achterportieren ieder een eigen, zelfstandig ontwerp. Bij de Magellan vormen ze echter, door een doorlopend ontwerpmotief, één enkel vormelement.

Wie onderweg zijn eigen huishouden wil meenemen, koppelt achter de Magellan een speciaal ontworpen caravan. Dat het ontwerp hiervan aansluit op de trekauto is direct duidelijk. Dat deze ook nog twee meter kan worden uitgetrokken, niet. Onafhankelijkheid is het devies. Kook- en slaapgelegenheid aan de trekhaak; modulair opgebouwd als het ruimtestation ISS. En dan is er nog het dak. Veel reizen hebben de zee als doel. Ook hier biedt dit studiemodel een markante oplossing: een dakkoffer, die omgedraaid als boot kan worden gebruikt. Dus aankomen, uitladen, omdraaien en varen. Want in de toekomst is alles mogelijk.