Nieuws van de Kamer:
Bedrijfsleven
Amsterdam: Achterstand
infrastructuur
wegwerken en nú
besluiten nemen voor de
toekomst

Persbericht 9 april 2002

De regio Amsterdam dreigt steeds minder bereikbaar te worden. Daarom moeten de overheden gezamenlijk de grote achterstand in infrastructuur wegwerken. Bovendien moeten zij nú al een begin maken om de mobiliteitsbehoefte als gevolg van nieuwe woningbouw en werkgelegenheid op te vangen. Door het instellen van een regionale verkeers- en vervoersautoriteit kunnen de overheden efficiënter samenwerken en zullen ze in staat zijn de noodzakelijke investeringen te organiseren en projecten binnen een redelijke termijn uitgevoerd te krijgen.
Dit zijn de belangrijkste boodschappen in het vandaag uitgegeven rapport ?Sporen naar de Netwerkregio? van de Kamer van Koophandel Amsterdam en de bijbehorende brandbrief aan het kabinet en de regionale politiek. De brandbrief is ondertekend door een brede coalitie van bedrijfsleven en vakbeweging.

Achterstand inhalen
Als de overheid niet daadkrachtig optreedt om de achterstand in bereikbaarheid weg te werken, dreigt onherstelbare schade voor het regionale vestigingsklimaat en daarmee voor de sociaal-economische vitaliteit van de Amsterdamse regio. Over de Noordzuidlijn, de Tweede Coentunnel/Westrandweg, de N201, de Westelijk Randweg IJmond en andere projecten wordt al generaties lang gesproken. Getalm met ?Vaart in de Zaan? en de grote sluis te IJmuiden is onacceptabel. Aanleggen is het enige devies volgens het bedrijfsleven en vakbonden in de Amsterdamse regio. Bij de kabinetsformatie moeten daarom afspraken worden gemaakt over extra middelen voor infrastructuur.

Besluiten nemen over nieuwe projecten De overheid moet nu besluiten nemen om de mobiliteitsbehoefte van morgen op te kunnen vangen. Aan de zuid- en oostkant van Amsterdam komen er volgens alle overheidsplannen honderdduizenden nieuwe banen en inwoners bij. Dit zal tot een enorme groei van mobiliteit leiden tussen Almere en Haarlemmermeer. Dat vereist nieuwe investeringen in openbaar vervoer èn in wegen. Daarom is een snelle hoogfrequente en comfortabele OV-verbinding Almere- Zuidas-Schiphol-Haarlemmermeer noodzakelijk. Daarnaast dient de A9, dè regionale ruggengraat tussen IJmond en Almere, te worden gecompleteerd met de verbinding A6-A9 en dient de capaciteit uitgebreid te worden met doorstroomstroken. In het belang van de vitaliteit van stadscentra moeten ook de lokale hoofdwegen nu en in de toekomst voldoende kunnen doorstromen voor het personen- èn goederenverkeer.

Integrale regionale aanpak vereist De overheden zijn er de afgelopen jaren niet in geslaagd een samenhangende en effectieve aanpak te organiseren om een oplossing te bieden aan de bereikbaarheidsproblemen in de Amsterdamse regio. Het bedrijfsleven is daar de dupe van. In de brandbrief doen het gezamenlijke bedrijfsleven en de vakbeweging met klem het verzoek om deze regionale impasse te doorbreken.
Er zal in de toekomst sprake moeten zijn van een mobiliteitsmarkt. In het Nationaal Verkeers- en Vervoersplan wordt door het kabinet al op de mobiliteitsmarkt voorgesorteerd maar met het tempo van nu is daar voorlopig geen zicht op. Uit de nota ?Sporen naar de Netwerkregio? wordt echter duidelijk dat er een uiterste krachtsinspanning nodig is om de achterstanden in de infrastructuur weg te werken, bij voorkeur onder leiding van een regionale verkeers- en vervoersautoriteit. Deze autoriteit met voldoende mandaat zou opdrachten kunnen geven voor aanbesteding, concessieverlening, exploitatie van infrastructuur en zou moeten kunnen beschikken over middelen uit rijks- en regionale fondsen, inkomsten uit betaald rijden (kilometerheffing, tol) alsmede middelen die gegenereerd worden door samenwerking met private investeerders.
Het bedrijfsleven wil de voordelen van deze aanpak op korte termijn gezamenlijk met de overheden onderzoeken. Komt er geen daadkrachtige integrale regionale aanpak dan blijft het doormodderen.

Meer informatie:
David Henny, Communicatie en Marketing T (020) 531 4613
E dhenny@amsterdam.kvk.nl