Ingezonden persbericht


Datum: 12.6.'02

Ontwerpdecreet gelijke onderwijskansen-I vandaag in het Vlaams parlement: het luik toelatingsbeleid met één schooljaar uitgesteld .

De ouderkoepel ROGO gaf in haar persbericht van 28.5.'02 uiting aan haar bezorgdheid over de toekomst van het Gelijke Onderwijskansenbeleid. De goedkeuring én de uitvoering van het ontwerpdecreet over Gelijke Onderwijskansen-I dreigden immers door systematische vertragingsmanoeuvres van de CD&V in het gedrang te komen.

Het verzet van de CD&V had vooral te maken met de (beperkte) 'inschrijvingsplicht van scholen'. De CD&V chanteerde, met de hulp van het Vlaams Blok en het N-VA de Minister van Onderwijs. De CD&V dreigde ermee dat ze de bespreking en stemming van het ontwerp van decreet systematisch zou vertragen als de minister niet inging op haar eisen. Dit dreigement kon voor gevolg hebben dat Vanderpoorten geen uitvoering zou kunnen geven aan de ondersteuning van scholen met veel kansarme en 'migrantenleerlingen'.

Op 27 mei 2002 ging op het kabinet Onderwijs een overleg door met de CD&V-commissarissen Onderwijs en de CD&V-fractieleider. Een dag later werd een gewijzigde versie van het ontwerp decreet opnieuw besproken én gestemd in de Commissie Onderwijs van het Vlaams Parlement. De operatie chantage van de CD&V is gelukt. Een gevaarlijk precedent voor de goede werking van onze politieke instellingen.

ROGO had gehoopt dat een aantal amendementen eerder de kwaliteit van het ontwerp van decreet zouden vergroot hebben en dat de overheid hiermee het signaal naar de 'migrantenouders' had kunnen geven dat de politieke wereld hun verwachtingen ernstig neemt.

Een opmerkelijke wijziging in het ontwerp van decreet is het uitstellen van het toelatingsbeleid met één schooljaar. Door het uitstellen van het toelatingsbeleid bestendigt de decreetgever (tijdelijk) de bestaande situatie gecreëerd door de Non-discriminatieverklaring (15 juli 1993). Een situatie die op het vlak van het toelatingsbeleid gekenmerkt wordt door inefficiëntie en willekeur.

Het decreet zal vandaag in de plenaire vergadering van het Vlaams parlement (naar alle waarschijnlijkheid) meerderheid tegen oppositie worden gestemd. Zoals de voorbije schooljaren wordt het begin volgend schooljaar voor iedere 'migrantenouder' opnieuw bang afwachten of men hun kind(eren) zal toelaten of weigeren.

Ook ouders van kinderen met een handicap kunnen met het decreet -zoals het nu voorligt- in de problemen komen. Elke school kan nu autonoom beslissen om 'op algemene wijze' af te wijken van het recht op inschrijving, als de leerling 'blijkens het inschrijvingsverslag georiënteerd wordt naar de types 1,2,3,4,6 of 7'. Zo'n inschrijvingsverslag (van het CLB) kan voorafgaand aan de inschrijving opgevraagd worden (ontwerp van decreet, Art. III.7 §2). Deze maatregel keert de zaken om: waar een inschrijvingsverslag vroeger het recht van de ouders op bijzonder onderwijs moest ondersteunen, wordt het nu een middel om deze leerlingen buiten de school te houden. Het staat de ouders uiteraard vrij om hun kind te laten testen of niet. Maar het zal duidelijk zijn dat vooral kansarme ouders zullen afhaken omdat ze hun rechten terzake niet (zo goed) kennen, of die niet kunnen afdwingen.

Als de CD&V het voor het zeggen had, dan was het op zijn minst vijf jaar wachten geweest op een toelatingsbeleid. De CD&V was er ook voorstander van dat de scholen zelf kunnen beslissen wie ze al dan niet toelaten. Het CD&V wilde nl. aan § 2, tweede lid van Artikel III.1 van het ontwerpdecreet volgende zin toevoegen: 'Een schoolbestuur kan omwille van andere redenen dan de niet-instemming een inschrijving van een leerling weigeren mits schriftelijke motivering binnen zeven kalenderdagen'. In de verantwoording bij deze toevoeging wordt aangegeven dat het huidige art. 31 van het Decreet Basisonderwijs zowel de school als de ouders voldoende garanties biedt in verband met de toegang tot de scholen. Met deze toevoeging wilde de CD&V zelfs de verworvenheden van het Decreet Basisonderwijs van 25.2.1997 voor de ouders terugschroeven. Artikel 31 stelt dat 'een inschrijving in geen geval kan geweigerd worden op grond van criteria die onbetamelijk zijn en waardoor de menselijke waardigheid in het gedrang komt'. Hetzelfde artikel stipuleert dat de schriftelijk motivatie binnen de vier kalenderdagen aan de ouders moet worden medegedeeld.

De bewijslast ligt in artikel 31 bij de ouder van wie het kind geweigerd wordt. Iedere directeur en inspecteur weet uit de praktijk dat dit artikel onvoldoende slagkracht heeft om de discriminatie tegen te houden. Ouders hebben immers vaak niet de moed noch de middelen om een klacht neer te leggen. Migranten en kansarme ouders kennen niet altijd de juiste weg om discriminerende situaties in het onderwijs aan te klagen. Dikwijls durven ze ook de stap niet te zetten om een klacht neer te leggen. Ze hebben angst voor de negatieve gevolgen voor hun kinderen. De procedures zijn meestal ingewikkeld, langdurig en duur. Bovendien levert het neerleggen van een klacht meestal weinig resultaat. In heel wat gevallen trekt het slachtoffer aan het kortste eind. Als het dan toch lukt een kind ingeschreven te krijgen in een school die 'migrantenleerlingen' weigert, bestaat de kans dat dit kind niet de nodige aandacht krijgt. Bepaalde vormen van discrimi-natie en racisme zijn daarenboven zeer subtiel en moeilijk te bewijzen.

De omkering van de bewijslast in het ontwerp van decreet versterkt vanaf schooljaar 2003-2004 de positie van de ouders en is derhalve een goede zaak voor de democratie.

In haar persmededeling van 28 mei 2002 bloklettert het CD&V: 'CD&V legt basis voor gegarandeerde gelijke kansen in het onderwijs'. De CD&V zegt er niet bij voor wie.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Marc Laquière, directeur ROGO (Tel.: 09/242.01.68), GSM 0495/25 09 81, rogo@rago.be.

ROGO vzw
Schoonmeerstraat, 26, 9000 Gent
Tel.: 09/242.01.68 - fax: 09/242.01.69 - gsm: 0495/25.09.81 e-mail: rogo@rago.be
Contactpersoon: Marc Laquière