European Commission

IP/02/848

Brussel, 12 juni 2002

De EU verbetert haar civiele-beschermingscapaciteit

De Europese Commissie heeft een mededeling aangenomen waarin de balans wordt opgemaakt van de vorderingen die zijn gemaakt bij het verbeteren van de paraatheid van de EU om te reageren op de gevolgen van terroristische dreigingen. Deze mededeling sluit aan op de mededeling van de Commissie van november 2001, waarin naar aanleiding van de gebeurtenissen van 11 september werd onderzocht hoe middelen, deskundigheid en netwerken op het gebied van de civiele bescherming het best konden worden gemobiliseerd. Sindsdien heeft de Commissie maatregelen getroffen om haar interventiecapaciteit te verbeteren. Zodoende zal in de toekomst een land waar zich een ingrijpende noodsituatie voordoet, bijvoorbeeld de gevolgen van terroristische dreigingen, een beroep kunnen doen op de bijstand van gecoördineerde interventieteams van de EU. Deze teams die zullen kunnen beschikken over de meest geavanceerde technische middelen, zullen door de Commissie worden gecoördineerd met assistentie van de beste Europese specialisten.

Voorzitter Romano Prodi verklaarde in een commentaar: "Recente gebeurtenissen hebben laten zien hoe belangrijk het is dat de bevolking weet dat wij ons inspannen om zowel terroristische dreigingen te voorkomen als om de gevolgen van een eventuele aanslag te beperken. De Commissie heeft haar bestaande civiele beschermingssysteem snel uitgebreid om efficiënt en gecoördineerd te kunnen reageren op de gevolgen van biologische, chemische of nucleaire dreigingen."

Commissaris Wallström benadrukte "het belang van een snelle en gecoördineerde reactie in geval van een aanslag of andere ramp die de bevolking treft. Door samen te werken kunnen wij deskundigheid delen, middelen bundelen en beter voorbereid zijn op elke mogelijke noodsituatie. De Commissie, die haar werkzaamheden op dit gebied hoge prioriteit geeft, mobiliseert extra personeel en financiële middelen en werkt zeer nauw samen met de lidstaten die de uiteindelijke verantwoordelijkheid voor de bescherming van hun bevolking hebben".

Coördinatie en opleiding

Als onderdeel van haar mechanisme voor civiele bescherming heeft de Commissie een waarnemings- en informatiecentrum opgezet dat 24 uur per dag operationeel is. Het centrum zorgt ervoor dat in noodsituaties snel wordt nagegaan welke interventieteams en middelen het best kunnen worden ingezet en dat deze worden gemobiliseerd. Tevens verzamelt en coördineert het centrum informatie over nucleaire, bacteriologische en chemische deskundigheid en over sera en vaccins.

Voor een optimaal gebruik van het coördinatiemechanisme moet hooggekwalificeerd personeel beschikbaar zijn dat over de nodige ervaring beschikt en moeten er teams zijn die gewend zijn om samen in Europees verband op te treden. Dit moet worden bereikt door intensieve opleidingsoefeningen die de komende weken van start zullen gaan en grootschalige simulatie-oefeningen. De opleidings- en de simulatie-oefeningen moeten ervoor zorgen dat teams uit verschillende lidstaten in een noodsituatie effectief kunnen samenwerken ondanks verschillen tussen de nationale systemen. Door de interventiecapaciteit van de lidstaten en hun rampenplannen op de proef te stellen, zal de EU kunnen nagaan of haar totale interventiecapaciteit toereikend is en deze zo nodig aanpassen.

Volksgezondheid

Sinds 11 september heeft de Commissie gewerkt aan het opzetten van interfaces tussen het coördinatiemechanisme voor de civiele bescherming en de gezondheidssector. Op farmaceutisch gebied heeft de Commissie een gezamenlijke taskforce met de industrie opgezet om een inventaris op te stellen van de beschikbaarheid en de capaciteit voor de productie, opslag en distributie van sera, vaccins en antibiotica die wellicht zullen worden gebruikt om de gevolgen van een bacteriologische aanslag tegen te gaan. Op verzoek van de Commissie heeft het Europees Bureau voor de geneesmiddelenbeoordeling twee werkgroepen opgericht, één die een gids moet opstellen voor het gebruik van geneesmiddelen tegen potentiële pathogenen en één voor het opstellen van specifieke aanbevelingen inzake vaccins waaronder pokkenvaccins.

Met medewerking van de Ministers van Volksgezondheid van de lidstaten heeft de Commissie een programma opgezet voor de bescherming van de gezondheid in geval van biologische of chemische aanslagen. Er is een netwerk opgericht dat 24 uur per dag operationeel is voor de uitwisseling van informatie. Er wordt gewerkt aan een systeem op EU-niveau voor het detecteren van de voornaamste chemische en biologische stoffen die bij terroristische aanslagen kunnen worden gebruikt, waarmee een snelle detectie en diagnose mogelijk wordt gemaakt. Tevens wordt gewerkt aan het publiceren van regels en adviezen voor gezondheidsmaatregelen die in geval van een aanslag moeten worden getroffen. Deze worden gecoördineerd met derde landen en internationale organisaties zoals de wereldgezondheidsorganisatie.