Gemeente Tilburg

5-3-2004
Nieuw werkgelegenheidsbeleid Tilburg:
van aanbodgericht naar vraaggericht

Het Tilburgse college gaat het werkgelegenheidsbeleid gericht op het plaatsen van mensen in een reguliere baan vernieuwen. Maatschappelijk ondernemen, snelwerk, uitstroombanen en startersbeleid zijn daarbij nieuwe instrumenten. De nieuw gekozen benadering betekent een breuk met het beleid van de afgelopen jaren. Van een sterk aanbodgericht beleid, het kwalificeren van werkzoekenden, wordt nadrukkelijk overgeschakeld naar een beleid waar de vraag van werkgevers naar personeel voorop staat. Het nieuwe beleid ligt vast in een nota met de titel 'Wat mensen beweegt' en is tot stand gekomen op basis van gesprekken met diverse groeperingen uit de stad. Eind maart neemt de gemeenteraad een besluit.

De nieuwe lijn is gebaseerd op een aantal elementen: zo veel als mogelijk gaat iedereen aan de slag op een reguliere arbeidsplaats. Daarbij is sprake van maatwerk naar de klant zoals dat nu al in het door Sociale Zaken gehanteerde polismodel tot uitdrukking komt: de mogelijkheden of beperkingen van de betreffende persoon worden meegenomen bij het zoeken naar werk. Daarmee wordt er ook voor gezorgd dat de grootste kans ontstaat op een duurzame plaatsing en is er oog voor het feit dat voor een bepaald aantal klanten er een balans moet zijn tussen zorgtaken en werk. De gemeente kiest daarmee voor een actieve houding en aansturing op dit deel van de werkgelegenheid.

Nieuwe instrumenten
Er worden nieuwe instrumenten ingezet waarbij de werkgevers nauw worden betrokken. Met hen worden specifieke afspraken gemaakt over de instroom van werkzoekenden. Dat geldt met name voor instrumenten als maatschappelijk ondernemen en uitstroombanen. Bij snelwerk is het uitgangspunt om direct met nieuwe klanten aan de slag te gaan. Ten aanzien van de gesubsidieerde arbeid worden bestaande regelingen tot één samengevoegd waarbij zogeheten brugfuncties worden opengesteld voor mensen waarvan is vastgesteld dat zij met ondersteuning een reguliere baan kunnen krijgen. Daarnaast komen er zogenaamde begeleide werkplekken. Tenslotte worden de mogelijkheden die de gemeente heeft via BKWStartersadvies om werkzoekenden een eigen bedrijf te laten starten nadrukkelijker ingezet.

Maatschappelijk ondernemen
Het instrument 'Maatschappelijk Ondernemen' staat voor de benaderingswijze voor een deel van het werkgelegenheidsbeleid. Doel is om de komende jaren een groot aantal werkgevers aan ons te binden die zonder voorwaarden vooraf, maar wel met goede ondersteuning werkzoekenden aan gaan nemen. Werkzoekenden die nog niet volledig gekwalificeerd zijn maar dat met goede begeleiding wel kunnen worden. Er wordt naar gestreefd de komende twee jaar 500 werkzoekenden bij 200 werkgevers te plaatsen. Dat kan gaan om het daadwerkelijk leveren van arbeidsplaatsen, het meewerken aan concrete projecten als tROM (bouw Prinsenwagen voor carnaval), of het geven van geld.

Snelwerk
'Snelwerk' is een experimentele vorm van reïntegratie. Deelnemers wordt een combinatie aangeboden van drie dagen werken (o.a. bij de Diamantgroep en De Kans) en twee dagen activiteiten gericht op het vinden van regulier werk. Binnen zes weken moet er resultaat zijn. Lukt dit niet dan wordt een ander traject aangeboden.

Gesubsidieerd werk
De afgelopen jaren hebben grote groepen werkzoekenden met behulp van subsidies werk gekregen. Tegelijkertijd werden hierdoor maatschappelijk nuttige taken weer ingevuld. De afgelopen jaren is gebleken dat het instrument niet of onvoldoende voldoet als het gaat om het realiseren van doorstroom van personen op gesubsidieerde plaatsen naar regulier werk. Voortaan worden twee vormen van gesubsidieerde arbeid gehanteerd: zogenaamde 'uitstroomfuncties', deze zijn bedoeld om werkzoekenden vanuit een tijdelijke werkplek geschikt te maken om regulier werk te gaan doen en 'beschutte werkplekken', bedoeld voor mensen die niet kunnen doorstromen naar de reguliere markt.

Startersbeleid
Als gesproken wordt over werkzoekenden wordt vaak uitsluitend aan werk in loondienst gedacht. Er zijn echter ook mensen met de ambitie om een eigen bedrijf te beginnen. Om een indicatie te geven: in 2003 waren van de ± 400 personen die naar de gemeente kwamen voor ondersteuning bij de start van een eigen onderneming ± 110 personen met een bijstandsuitkering, een dertigtal startte daadwerkelijk binnen het jaar.
Het uitsluitend aandacht besteden aan werken in loondienst is ook niet in overeenstemming met de ambities van de stad. Die is er op gericht de komende jaren ondernemerschap actiever te ondersteunen. Het gemeentelijk instrument startersadvisering zal daarom de komende jaren nog nadrukkelijker ingezet worden. De focus is: meer ondernemers in de stad en bestaande kleine ondernemers beter ondersteunen.