Ministerie van Algemene Zaken


1red14017
2004-03-05, NOS, Met het oog op morgen, Radio 1, 23.07 uur

MINISTER-PRESIDENT BALKENENDE NA AFLOOP VAN DE WEKELIJKSE

MINISTERRAAD OVER NORMEN EN WAARDEN EN INTEGRATIE


CARASSO:
Wat zijn de gemeenschappelijke waarden die het kabinet wil uitdragen?


BALKENENDE:
Je kunt onderscheid maken tussen waarden die horen bij de democratische rechtsstaat en die gelden voor ons allen. Je kunt denken aan vrijheid van godsdienst, van onderwijs, vrijheid van meningsuiting, verbod van discriminatie, dat mensen gelijk worden behandeld in gelijke gevallen. Dat heeft ook te maken natuurlijk met de juridische situatie.


CARASSO:
De grondwet?


BALKENENDE:
Precies. En daarnaast heb je ook te maken met andere zaken die vooral betrekking hebben op houding. Hoe stel je je ten opzichte van andere op. En dan kun je denken aan zaken als verdraagzaamheid, tolerantie, invoelingsvermogen.


CARASSO:
En heeft u het idee dat die niet door iedereen worden gedeeld in Nederland?


BALKENENDE:
In belangrijke mate worden ze wel gedeeld, maar er zijn natuurlijk ook wel problemen. Soms zien we erge uitwassen daarvan. En de opdracht is nu steeds om dat aspect van eenheid te benadrukken. Want juist als je in een land pluriform bent, als je tolerant wil zijn ten opzichte van iedereen, van alle groepen, dat betekent dat je wel oog moet hebben voor datgene wat gemeenschappelijk, datgene wat gezamenlijk is.


CARASSO:
En gelden al die normen en waarden, of die waarden, laten we het daar over hebben, gelden die ook voor de nieuwkomers in Nederland allemaal?


BALKENENDE:
Die waarden waar ik het net over had, de grondrechten maar ook die andere zaken die zo van groot belang zijn, die richten zich natuurlijk tot iedereen.


CARASSO:
Dus ook voor de mensen die hier komen. Het kabinet is bezig met inburgering. Deze week kwam er een advies uit van de commissie-Franssen en die zei: het kabinet moet eigenlijk kiezen als het over inburgeren gaat. Of het moet integratie bevorderen of het moet er voor kiezen dat de immigratie wordt afgeremd. Waar kiest het kabinet voor als het om die inburgering gaat?


BALKENENDE:
Wanneer je praat over het thema integratie, u heeft natuurlijk gewoon gelijk dat dat samenhangt met de zaken die vandaag in het kabinet aan de orde zijn geweest. Integratie betekent dat mensen er bijhoren. Dat is een kwestie van taalbeheersing, maar ook het delen van een aantal waarden, waar we het net over hebben gehad. Wat we in het verleden denk ik te weinig hebben gedaan dat is dat we wat strikt zijn geweest van: integratie dat gaat niet vanzelf. Dat betekent dat je ook verplichtend bezig moet zijn. Daarvoor heb je zaken als inburgeringscursussen. En

waarom doen we dat? Niet integratie om die mensen te pesten, maar om te zorgen dat je geen situaties krijgt dat mensen er niet meer bijhoren. En dat hebben we natuurlijk in het verleden helaas teveel gezien, omdat we onvoldoende strak waren in processen van integratie. Dat mensen eigenlijk er niet meer bijhoren.


CARASSO:
Maar nou zegt het Kamerlid van de VVD, Ayaan Hirsi Ali, die zegt deze week: nee, het is ons erom te doen om bepaalde groepen te weren uit Nederland. Analfabeten bijvoorbeeld. Lager opgeleiden. Die willen we liever niet hebben. Daar werpen we een drempel voor op. Is dat het doel van het kabinet met de inburgering?


BALKENENDE:
Je kunt natuurlijk nooit zeggen: het doel is om mensen te weren. Het doel is om te zorgen dat wanneer mensen naar Nederland komen, dan moet je aan bepaalde criteria voldoen, zo simpel is het ook, dat je er dan ook bij kunt horen.


CARASSO:
Maar is een lager opgeleide of een analfabeet voor u of voor het kabinet even welkom als een hoger opgeleid iemand?


BALKENENDE:
Ten aanzien van de opgeleide mensen heb je natuurlijk soms wel een heel andere discussie. We hebben het vandaag ook nog kort gehad in de ministerraad over het fenomeen als kenniswerkers. Mensen die naar Nederland komen vanwege specifieke kennis. Die gaan hier onderzoeken doen. En daarvan zeggen we dat is een specifieke categorie en we moeten het ook veel makkelijker maken dat ze naar Nederland kunnen komen. Dat ze niet die eindeloze procedures door moeten wat op het ogenblik toch echt lastig is. Dat is een specifieke categorie.


CARASSO:
Maar los daarvan. Wat vindt u ervan dat de VVD, uw coalitiepartner, niet onbelangrijk, zegt: wij willen liever geen analfabeten of lager opgeleide mensen?


BALKENENDE:
Ik vind dat ik een beetje op moet passen om te zeggen want mevrouw Hirsi Ali heeft opmerkingen daarover gemaakt. Ik weet niet eens of dat nu hét standpunt van de VVD is, dat weet ik eerlijk gezegd niet.


CARASSO:
Dat mag ik wel hopen.


BALKENENDE:
Dat zijn bepaalde uitlatingen. U vraagt mij van hoe kijkt het kabinet er tegen aan. Ik heb gezegd: de discussie komt natuurlijk later nog, maar het punt is vooral dat je zegt wanneer mensen naar Nederland mogen, naar Nederland willen komen, in het kader van gezinsvorming of gezinshereniging, dan zullen we ook duidelijk moeten aangeven als land dat dat niet zomaar een vanzelfsprekendheid is, een automatisme. Nee, je moet aan bepaalde zaken dan voldoen.


CARASSO:
En nou zegt de heer Franssen, als het het kabinet om integratie te doen is, en dat is dus bedoeling, dan moet ook het kabinet, de overheid, een inspanning leveren. Wat is uw inspanning?


BALKENENDE:

Ik heb begrepen rondom het rapport van de commissie-Franssen dat er wat opmerkingen zijn gemaakt over de kosten van cursussen, van scholing in het land van herkomst.


CARASSO:
Hij zegt: dat moet het kabinet doen.


BALKENENDE:
Ik heb van mevrouw Verdonk ook begrepen dat zij toch een wat andere taxatie maakt ten aanzien van financiële aspecten. Belangrijker eerlijk gezegd dan die vraag van wat moet het kosten, is natuurlijk wel het punt dat je zegt als je naar Nederland komt, begin dan al met dat proces van inburgering in het land van herkomst. Dat je weet van ik ga naar een bepaald land toe.


CARASSO:
Toch moet daar ook een verplichting van het kabinet tegenover staan.


BALKENENDE:
Die verplichting, natuurlijk heb je ook zekere verplichtingen, als was het alleen maar dat je zegt van we hebben in het verleden te vaak gezien dat mensen er niet bijhoren en we gaan die zaak op een andere manier doen. Dat betekent ook dat je bepaalde voorwaarden gaat stellen in de sfeer van inkomenseisen die naar voren komen.


CARASSO:
Maar er wordt vaak bedoeld: als integratie van twee kanten moet komen, dat dat juist nou niet de dingen zijn die de overheid zou moeten doen.


BALKENENDE:
Wanneer mensen naar Nederland willen komen, dan begint het natuurlijk toch dat je ook wijst op de eigen verantwoordelijkheid van mensen om hier te komen.


CARASSO:
En dan is iemand aan het inburgeren. Wanneer is iemand dan uiteindelijk geïntegreerd in Nederland?


BALKENENDE:
Daar heb je weer datzelfde. Dat zijn discussies die we straks allemaal nog gaan krijgen rondom het rapport van de commissie-Blok


CARASSO:
Want er komt een vignet?


BALKENENDE:
Er komt ook nog een kabinetsstandpunt, dus laat ik zeggen: ik vind niet dat nu het moment is om die hele discussie al op voorhand te gaan doen.


CARASSO:
Het kabinet onderzoekt dus manieren op dit moment hoe je kan meten wanneer je geïntegreerd bent. CDA en VVD hebben al gezegd: de integratie is mislukt. Is dat niet raar als er niet eens een goed meetinstrument is?


BALKENENDE:
U weet dat er kritische geluiden zijn. Maar je kunt natuurlijk niet zeggen dat de integratie als zodanig volledig, voor 100%, is mislukt, want er zijn zat mensen in Nederland die juist wel geïntegreerd zijn. En ik heb de nodige contacten, ook met allochtone groepen. En wat is nu

een van de ergernissen in deze groepen, dat is dat vaak mensen zo over een kam worden geschoren.


CARASSO:
Maar als u zegt: er zijn zat groepen die wel geïntegreerd zijn, dan heeft u dus wel een bepaald beeld bij integratie in uw hoofd. Wat dat is.


BALKENENDE:
Ik heb dus ook gezegd: wanneer men zou zeggen dé integratie is mislukt, an zeg ik: dat gaat mij te ver. Maar zijn er problemen, jazeker. En die problemen, ik denk dat die in het verleden wel eens, regelmatig, te weinig onder ogen zijn gezien. En dat is misschien de les uit het verleden. Dat betekent ook meer verplichtend bezig zijn. En in het verleden zijn we daar te slap in geweest.
(Letterlijke tekst, ongecorrigeerd, RS)