Ministerie van Justitie


http://www.justitie.nl

Wiebe Alkema
070 370 7225

4431
16.03.04

Nieuwe organisatie en financiering van tolk- en vertaaldiensten

De overheid subsidieert voortaan alleen tolk- en vertaaldiensten als sprake is van evident publieke belangen, zoals rechtsbescherming en gezondheidszorg. De vreemdtalige wordt meer op eigen verantwoordelijkheid aangesproken om in taalvaardigheid te investeren. Wie dat niet doet zal in voorkomende situaties de kosten van een tolk of vertaler zelf moeten betalen. Dit blijkt uit de kabinetsreactie op het interdepartementale beleidsonderzoek naar tolken en vertalers die vandaag door minister Donner van Justitie en minister Verdonk voor Vreemdelingenzaken en Integratie naar de Tweede Kamer is gestuurd.

Het interdepartementale beleidsonderzoek is uitgevoerd omdat er knelpunten zijn in de organisatie en de uitvoering van tolk- en vertaaldiensten. Zo is de inzet van tolken ondoelmatig, laat de kwaliteit te wensen over en is er te weinig concurrentie. Ook is de verantwoordelijkheidsverdeling diffuus. Het ministerie van Justitie neemt tolkdiensten af, behandelt klachten, subsidieert tolkencentra, maar is ook beheerder van het register van gecertificeerde tolken. Daarnaast is het verantwoordelijk voor tolk- en vertaaldiensten op het terrein van welzijn, gezondheidszorg, werk en inkomen. Bestuurlijk en financieel is deze situatie moeilijk te beheersen omdat instanties en hulpverleners voor communicatie met anderstaligen kosteloos een beroep kunnen doen op gesubsidieerde tolk- en vertaaldiensten. Een verblijfsvergunning of de mate van inburgering is daarop niet van invloed. In de praktijk doen naast asielzoekers ook veel langdurig, regulier verblijvende vreemdelingen en allochtone Nederlanders een beroep op deze voorziening.

Het kabinet wil meer samenhang brengen tussen het beleid van inburgering, de verwerving van taalvaardigheid en het kosteloos beschikbaar stellen van tolk- en vertaaldiensten. Om in de samenleving goed te kunnen functioneren, moet men de Nederlandse taal spreken. Bij het integratiebeleid ligt daar het accent. Het op ruime schaal kosteloos aanbieden van tolk- en vertaaldiensten aan allochtonen ziet het kabinet daarom als een verkeerd signaal. Meer evenwicht tussen rechten en plichten is in dit opzicht wenselijk.

De organisatie en financiering van tolk- en vertaaldiensten wordt anders ingericht. Voortaan moeten afnemers van deze diensten (departementen, maatschappelijke instanties en hulpverleners) zelf hun zaken regelen. Budgetten worden overgeheveld van het ministerie van Justitie naar de beleidsverantwoordelijke ministeries op het terrein van werk en inkomen, welzijn en gezondheidszorg. Ook wordt de markt voor tolk -en vertaaldiensten aangepast zodat afnemers meer keuzevrijheid krijgen en er vrijere tariefvorming mogelijk wordt. Kwaliteitseisen spelen in dit verband een grote rol omdat afnemers op termijn zelf financieel verantwoordelijk worden. Het is van belang dat er voor de beroepsgroep een nieuw kwaliteitsbeleid komt op het terrein van politie en justitie. Een openbaar via internet toegankelijk, landelijk kwaliteitsregister maakt hier deel vanuit. Concurrentie komt zo makkelijker tot stand.

Het kabinet voert de voorgenomen maatregelen niet in één keer uit omdat dit risico's met zich meebrengt. Vaste tarieven kunnen niet gelijk worden losgelaten omdat anders stagnatie in de dienstverlening optreedt. Hoe het systeem van vaste vergoedingen geleidelijk kan worden losgelaten, zal in overleg met de NMa worden bekeken.