Vereniging Spierziekten Nederland

Nieuws

Nieuwe ontdekkingen bij mitochondriële aandoeningen

Onderzoekers van het UMC St Radboud hebben een onverwachte genetische oorzaak ontdekt voor een belangrijk deel van de grote groep mitochondriële ziekten.

Onder het begrip mitochondriële ziekten valt een aantal zeldzame aandoeningen, waarbij de energieproductie in de cellen verstoord is. Sommige mitochondriële ziekten leiden tot spierproblemen, en behoren dus tot het aandachtsgebied van de VSN (mitochondriële myopathieën). Door een nieuwe techniek toe te passen hebben onderzoekers uit Nijmegen het gendefect
gevonden dat ten grondslag ligt aan een ernstige mitochondriële ziekte, bij een familie van Libanese afkomst. Hoewel er nog geen behandeling voorhanden is, kan er nu goede erfelijkheidsadvisering gegeven worden.
De mitochondriële ziekte was in dit geval niet direct een spieraandoening. Echter, door dezelfde innovatieve techniek toe te passen bij tot nu toe onbegrepen mitochondriële myopathieën, is het denkbaar dat ook daar nieuwe genafwijkingen gevonden zullen worden. Het gaat om de zogenaamde 'gecombineerde deficiënties', die hieronder verder worden toegelicht.

Onderzoekers van het UMC St Radboud hebben een onverwachte genetische oorzaak ontdekt voor een belangrijk deel van de grote groep aandoeningen die veroorzaakt worden door een fout in de energieproductie van het lichaam (mitochondriële ziekten). De ontdekking werpt een nieuw licht op het ontstaan van deze aandoeningen. Het New England Journal of Medicine brengt de vondst vandaag.

Erfelijke afwijkingen in de werking van de mitochondriën, de energiecentrales van de cel, leiden tot een breed scala aan ziekteverschijnselen. Ze manifesteren zich met name in de spieren, het hart en de hersenen. Stoornissen in de vijf eiwit/enzymcomplexen, die de laatste schakel in de energieproductie vormen, zijn het meest frequent. Van deze complexen is de genetische code grotendeels ontrafeld, voor een belangrijk deel door onderzoekers van het UMC St Radboud, onder leiding van prof.dr. Jan Smeitink. Enkele van deze genen bevinden zich in het dna dat binnen de mitochondriën zelf aanwezig is. Het grootste deel van de energieproductie wordt echter geregeld door het celkern-dna.

Bij ongeveer éénderde van de patiënten werken meerdere eiwitcomplexen tegelijk niet goed. De genetische fouten die tot nu toe bij deze zogenoemde 'gecombineerde deficiënties' getraceerd waren, bevonden zich steeds in het dna van de mitochondriën zelf. Nu is er bij twee kinderen met een gecombineerde deficiëntie voor het eerst een opvallende mutatie in het dna van de celkern gevonden. De eer van de vondst van dit gen, efg1 genoemd, komt toe aan assistent-onderzoeker Marieke Coenen van de afdeling Kindergeneeskunde van het UMC St Radboud. Zij zegt: 'Om eiwitten aan te maken moet rna afgelezen worden. Het bijzondere van efg1 is, dat het vanuit de celkern inwerkt op het afleesproces van het mitochondrieel rna. Zoiets hebben we nog nooit eerder gezien. Als het afleesproces verstoord wordt, omdat efg1 niet goed werkt, worden talloze eiwitten niet goed aangemaakt. Dat komt overeen met het gegeven, dat bij de betrokken patiënten meerdere eiwitcomplexen niet goed werken.'

efg1 maakt deel uit van een grote genfamilie, die nooit eerder in verband was gebracht met mitochondriële ziekten. Samen met de McGill universiteit in Quebec, Canada, laat Smeitink nu zo spoedig mogelijk de andere genen van deze familie onderzoeken. De verwachting is, dat er zo nog meer genen opgespoord worden, die aan een mitochondriële ziekte ten grondslag liggen.

Smeitink geeft aan dat dit goed nieuws is voor de ouders, die eerder een kind met een mitochondriële aandoening kregen en opnieuw een zwangerschap overwegen. 'Een mutatie in het mitochondrieel dna erft vrijwel altijd voor honderd procent over. Elk kind van deze ouders zal dus de ziekte hebben. Maar bij een fout in het celkern- dna is deze kans 'slechts' vijfentwintig procent. We spreken hier over zeer ernstige vormen van de ziekte en dat die niet altijd automatisch overerven is voor de ouders die het aangaat natuurlijk positief.'

Bron: http://www.umcn.nl/ met een inleiding van dr. Stephanie Weinreich
18 november 2004

VSN - Lt. gen. van Heutszlaan 6 - 3743 JN Baarn tel: 035-5480480 Spierziekten Infolijn: 0900-5480480 - E-mail: vsn@vsn.nl - Postbank 1422400