Ministerie van Verkeer en Waterstaat

Contactpersoon

-
Datum
18 mei 2005
Ons kenmerk
DGTL/05.003526/BV/EM
Doorkiesnummer

-
Bijlage(n)

-
Uw kenmerk
2040513070
Onderwerp
Kamervragen

Geachte voorzitter,

Hierbij doe ik u de antwoorden toekomen op de vragen van het lid Van Huijm inzake de stabiliteitseis voor skûtsjes.


1. Hebt u kennisgenomen van het artikel 'nieuwe stabiliteitseis is onhaalbaar voor skûtsjes' over de stabiliteitseisen van het nieuwe Binnenschepenbesluit?


1. Ja, daar heb ik kennis van genomen. Een skûtsje in wedstrijduitvoering voldoet in principe niet aan de stabiliteitseisen voor passagierschepen. De voorschriften in het

Binnenschepenbesluit zijn echter niet van toepassing op wedstrijdvaren maar toegespitst op het varen met passagiers. Voor het veilig varen met passagiers zal het wedstrijdskûtsje veelal moeten worden aangepast of zich aangepast moeten gedragen, zoals reven en minder scherp aan de wind varen.


2. Klopt het dat de helling van skûtsjes als gevolg van het Binnenschepenbesluit wordt beperkt tot 20 graden, om mogelijk omslaan te voorkomen?


2. Nee, je mag wel meer helling hebben bij het zeilen. Bij de keuring wordt echter ter indicatie van de kwaliteit van de stabiliteit op één punt een relatie vastgelegd tussen winddruk en hellingshoek. Deze luidt als volgt: het kenterend moment, veroorzaakt door de winddruk op het standaardzeil van het schip mag in alle beladingtoestanden maximaal de waarde bedragen die een helling van het zeilschip van 200, of de helling waarbij het dek te water komt indien deze kleiner is dan 200 , veroorzaakt.
Hierbij wordt gerekend met een stationaire windbelasting van 7 kg/m2 (zie

artikel 3.02, van Bijlage VII bij het Binnenschepenbesluit). Hoofdregel voor zeilende passagierschepen is dat het schip bij alle zeilconfiguraties stabiel moet zijn.


3. Is het waar dat in 2010 alle skûtsjes aan deze nieuwe eis moeten voldoen? Voor welke schepen geldt deze eis nog meer?

3. Deze eis geldt reeds voor alle zeilende passagierschepen. Nieuwe zeilende passagiers-schepen moeten vanaf 1 januari 2001 aan deze eis voldoen. In artikel 12.01, tweede lid, van Bijlage VII van het Binnenschepenbesluit is bepaald dat bij het onderzoek van bestaande zeilende passagiersschepen gedurende vijf jaren vanaf de datum van het eerste onderzoek artikel 3.02 van Bijlage VII van het Binnenschepen- besluit niet van toepassing is.


4. In hoeverre vloeien de nieuwe eisen van het Binnenschepenbesluit voort uit de

Europese regels voor (zeilende) passagiersschepen?

4. Deze eisen vloeien niet voort uit Europese regelgeving. Echter, de eisen zoals opgenomen in Bijlage VII van het Binnenschepenbesluit worden overgenomen in de in voorbereiding zijnde Europese richtlijn met betrekking tot technische eisen aan binnenschepen.


5. Kunt u een overzicht geven van alle nieuwe eisen waaraan historische zeilschepen vanaf 2007 moeten voldoen als zij passagiers willen vervoeren?

5. Ja. Sinds 1 januari 2001 moeten zeilende passagierschepen voldoen aan de relevante voorschriften van het Binnenschepenbesluit zoals beschreven in de Bijlage II, III en VII. In combinatie met de overgangsbepalingen is precies aan te geven aan welke regels moet worden voldaan. (Door het Klassebureau Register Holland is een gebruikershandleiding uitgegeven met alle, voor zeilende passagierschepen relevante, regelgeving, bekend als de "gele Rules"uit november 2000.)


6. Kunt u aangeven waarop de norm van 20 graden helling is gebaseerd? Deelt u de mening dat deze stabiliteitseis op geen enkele wijze aansluit bij de realiteit van het zeilen met skûtsjes en andere (historische) zeilschepen?

6. Zie mede het antwoord op vraag 2. Deskundigen uit de bedrijfstak hebben de eisen voor de stabiliteit zoals opgetekend in de Bijlage VII van het Binnenschepenbesluit zelf voorgesteld en deze zijn ook zo overgenomen. Zowel in 1997 toen de Bijlage VII is getoetst op het effect op skûtsjes als in 2003 toen de zogenaamde "skûtsjesregeling" met de skûtsjesverenigingen werd besproken is ook het fenomeen stabiliteit aan de orde geweest. Bij die gelegenheden is geconcludeerd dat skûtsjes in principe aan de stabiliteitseisen konden voldoen.


7. Kunt u aangeven hoeveel ongelukken zich in de afgelopen jaren hebben voorgedaan als gevolg van het omslaan van skûtsjes? Welk effect mag worden verwacht van de nieuwe stabiliteitseis?

7. Het precieze aantal is niet bekend ondanks een meldingspicht voor schippers. Het interpreteren van de risico's, wanneer moet worden gereefd etc. vereist kundigheid en behoort tot de eigen verantwoordelijkheid van de schipper.
De voorschriften zorgen er nu juist voor dat het schip over een bepaalde mate van stabiliteit beschikt die samen met de kundigheid van de schipper erin resulteert dat skûtsjes niet zo gemakkelijk omslaan (waarborg voor de veiligheid) en met een op de omstandigheden aangepaste zeilvoering blijven in de praktijk de meeste skûtsjes gewoon overeind.


8. Hoe wilt u de nieuwe stabiliteitseis handhaven?

8. Bij de certificaatverlening wordt vastgesteld dat men aan de eisen voldoet. De politie op het water (zijnde het Korps Landelijke Politie Diensten) controleert of de technische staat van het skûtsje overeenkomt met de staat van het skûtsje waaronder het certificaat is verleend en of voldaan is aan de operationele eisen.


9. Hoe verhoudt de nieuwe regelgeving zich tot het voornemen om regels en bureaucratie terug te dringen en meer ruimte te geven aan zelfregulering? Deelt u de mening dat we hier te maken hebben met doorgeschoten regelgeving? Bent u bereid de stabiliteitseis in het Binnenschepenbesluit te schrappen dan wel te versoepelen?

9. Het omgaan met zeilschepen houdt in dat de zeilen op de wind worden gezet. Het kenmerkt een goede schipper dat zijn tuigage op de heersende omstandigheden is afgestemd. In de regelgeving is zelfs de mogelijkheid opgenomen dat op alternatieve wijze mag worden aangetoond dat men aan de eisen kan voldoen. Naar mijn mening is er dan ook geen sprake van onwerkbare regelgeving. Ik zie op dit moment dan ook geen noodzaak de stabiliteitseisen te schrappen of te versoepelen en ik word daarin onder andere gesteund door bijvoorbeeld de Bond van Beroeps Zeilschippers.

Hoogachtend,

DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,

Karla Peijs