Provincie Gelderland

|                                            |Nr.   |2005-411       |
|                                            |Arnhem|24 mei 2005    |
|                                            |,     |               |
HOOFDLIJNEN NIEUW STREEKPLAN BLIJVEN OVEREIND

Gedeputeerde Staten (GS) zien in de ingebrachte bedenkingen en adviezen geen aanleiding om de hoofdlijnen van het nieuwe streekplan aan te passen. Dit staat in het voorstel van GS aan het Gelders parlement (Provinciale Staten) tot vaststelling van het Streekplan Gelderland 2005.

Op het ontwerp-streekplan kwamen 1232 bedenkingen binnen. Merendeels afkomstig van burgers, van vrijwel alle gemeenten, regio's en belangenorganisaties. Ook het Rijk gaf een, tussen de ministeries afgestemde, reactie. Daarin klonk grote waardering door voor de wijze waarop dit streekplan, als eerste in Nederland, in de geest van de Nota Ruimte is opgesteld.

Het streekplan kiest voor versterking van de ruimtelijke kwaliteit door te sturen op kenmerken en waarden die van provinciaal belang worden geacht, zoals water, natuur, landschap maar ook de ruimtelijke ontwikkelingen in het rode raamwerk van stedelijke functies en infrastructuur. Deze selectieve inzet heeft in dit voorstel voor het definitieve plan verder gestalte gekregen. Zo zijn de kwaliteiten van de Gelderse waardevolle landschappen en cultuurhistorische kenmerken opgenomen en is de al eerder in het ontwerp streekplan gekozen knooppuntenbenadering voor ontwikkeling van nieuwe verstedelijking verduidelijkt. Daarmee onderstrepen GS op welke belangen zij zich willen richten.

Wijzigingen
De hoofdlijnen blijven overeind, maar GS willen naar aanleiding van de reacties wel enkele belangrijke wijzigingen aanbrengen:
- Regio's kunnen met een alternatief beleid komen voor functieverandering van gebouwen in het buitengebied. Na definitieve en unanieme vaststelling door de gezamenlijke gemeenten en accordering door de provincie komt dit regionale alternatief via een streekplanafwijkingsprocedure in de plaats van het algemene beleid voor functieverandering.
- Meer verscheidenheid in omvang van kavelgrootte voor lokale bedrijvigheid op (inter)gemeentelijke bedrijventerreinen. Dat biedt ook meer rumte voor de bedrijventerreinen van de voormalige subregionale kernen die de provincie als intergemeentelijk beschouwt.
- Grootschalige winkelvoorzieningen worden gevestigd op stedelijke locaties. In afwijking van het ontwerpstreekplan blijft de norm voor de omvang van deze voorzieningen uit het vorige streekplan gehandhaafd op 1500 m2. Zg, weidewinkels zijn uitgesloten.
- Voor wonen gaat het streekplan uit van de nieuwste woningbehoefteprognoses die ook de basis zullen vormen voor het binnenkort vast te stellen Kwalitatief woonprogramma voor de periode 2005 tot 2015. Door geringere natuurlijke aanwas en een sterke daling van het buitenlandse migratiesaldo is de behoefte voor deze periode lager dan de ramingen uit het ontwerp-streekplan.
- Voor de glastuinbouw blijft dit nieuwe streekplan koersen op concentratie in Bergerden en de Bommelerwaard. De ruimtelijke mogelijkheden voor solitaire bedrijven om zich te hervestigen in regionale clusters worden soepeler. Regio's mogen één of meer clusters aanwijzen.
- Er is nu één datum bepaald, nl. 1 mei 2006, waarop de nog definitief te begrenzen regionale waterberging begrensd moet zijn. Dan zal de provincie ook haar standpunt bepalen over de koppeling van de regionale waterberging en de reductiemaatregel van de piekafvoer van de IJssel.
- Als de PKB Ruimte voor de rivier voor wat betreft de hoogwatergeul bij Zutphen definitief wordt, zal deze hoogwatergeul nog in deze planperiode ruimtelijk worden gereserveerd.

Geen wijzigingen t.o.v. het ontwerp-streekplan:
- Over grootschalige leisure zoals het NL.C blijven GS van opvatting dat dit alleen in een stedelijk netwerk, op een gunstig ontsloten plek, kan worden ontwikkeld.
- De reacties op het onderwerp permanente bewoning van recreatiewoningen geven GS geen aanleiding de huidige koers te wijzigen

Consequenties regels luchtkwaliteit
GS wijzen ook op de consequenties van de recent in werking getreden Europese regelgeving voor luchtkwaliteit. De luchtkwaliteit in de hele provincie voldoet hier niet aan. Daardoor dreigt een algehele stagnatie van nieuwe bouwplannen en wegenaanleg. Dat heeft op zich geen consequenties voor de vaststelling van het streekplan zelf. Mogelijk echter wel voor de uitvoerbaarheid van vervolgbesluiten, zoals de herziening van bestemingsplannen. Dit probleem kan volgens GS alleen op Europees of landelijk niveau worden opgelost.

Procedure
De behandeling van het streekplan door PS is voorzien op 29 juni. Daar gaat een bespreking door de Statencommissie Ruimtelijke Ordening op 15 juni aan vooraf.