Gemeente Ede

nummer 043 / Ede, 28 februari 2006

Resultaten Veiligheidsmonitor 2005

Leefbaarheid en veiligheid nemen toe in gemeente Ede

Inwoners van de gemeente Ede zijn over het algemeen tevreden over de leefbaarheid in hun wijk. Gevoelens van onveiligheid nemen af, buurtproblemen komen minder voor en het aantal slachtoffers van vernieling, diefstal of inbraak stabiliseert of neemt af. Vooral in de aandachtswijken Veldhuizen-A en Ede-Zuid gaat het de goede kant op. De gemiddelde score voor de woonomgeving is een 7,8.

Dat blijkt uit de Veiligheidsmonitor Gelderland-Midden, een bevolkingsonderzoek naar leefbaarheid en veiligheid in de gelijknamige politieregio. De resultaten van de gemeente Ede zijn vandaag tot op wijkniveau bekend gemaakt. Het Edese college van burgemeester en wethouders doet aanbevelingen om nog meer resultaten te boeken met leefbaarheid en veiligheid.

Inzicht per wijk en dorp

De Veiligheidsmonitor is september 2005 na 1998 en 2001 voor de derde keer gehouden. De vragenlijsten zijn schriftelijk of via internet ingevuld en er zijn telefonische interviews geweest. De

monitor is een samenwerking tussen gemeenten, politie, justitie en woningcorporaties.

Voor het onderzoek zijn ruim 53.000 inwoners benaderd, waarvan ruim 7.000 in de gemeente Ede. Van deze laatste groep vulde 2.639 de enquête in.

Met het onderzoek is ingezoomd op het niveau van wijken en dorpen waar een wijkagent actief is. Het gaat om de wijken Centrum/Ede-Oost, Ede-Zuid, Kernhem, Maandereng, Rietkampen, Tussenland-A, Tussenland-B, Veldhuizen-A en Veldhuizen B in Ede. En de dorpen Bennekom, Lunteren, Wekerom/Harskamp/Otterlo en Ederveen/De Klomp.

Veiliger

Inwoners van Ede voelen zich veiliger dan in 1998 en 2001. 34 Procent voelt zich wel eens onveilig; in 1998 was dit nog 44 procent. De eigen woonomgeving wordt meestentijds als veilig ervaren. Het aantal mensen dat zich onveilig voelt in de eigen buurt (20 procent) is gelijk aan het percentage in 2001 (21 procent) en iets lager dan in 1998 (23 procent).

Autocriminaliteit, woninginbraken en overige diefstallen komen gemeentelijk minder voor dan in 2001; fietsendiefstal en zakkenrollerij zijn sinds 2001 niet toe of afgenomen.

Buurtproblemen zoals dreiging en sociale overlast (vaak door groepen jongeren) nemen in de meeste wijken af. Ook andere buurtproblemen (verkeersoverlast, verloedering en vermogensdelicten) komen minder voor.

Wel is het zo dat geweldsdelicten (mishandeling, bedreiging, straatroof) nemen licht toe. 7 Procent van de inwoners kreeg hiermee in 2005 te maken. Dat is iets meer (5 procent) dan in 1998.

Leefbaar

De meeste inwoners vinden het prettig (69 procent) of zelfs zeer prettig (26 procent) wonen in de eigen buurt en zijn over het algemeen tevreden over hun woning. De sociale cohesie binnen de Edese wijken en dorpen is sterker dan in 2001.

Verschillen per wijk

Bewoners van kleine kernen zijn positiever dan de gemiddelde Edenaar. De bewoners van Veldhuizen-A en Ede-Zuid zijn nog altijd minder positief. Voor deze bewoners is de situatie wel duidelijk beter dan in 2001: zij zijn positiever over de leefbaarheid en ze voelen zich minder onveilig dan twee jaar geleden.

Tegelijkertijd zijn de gevoelens van onveiligheid bij bewoners van de Edese wijken Rietkampen, Centrum/Oost, een deel van Ede-West en de dorpen Bennekom en Harskamp/Wekerom/Otterlo toegenomen met gemiddeld zes procent.

Dienstverlening

Er is relatief veel ontevredenheid (35 procent) over hoe de gemeente in wijken functioneert als het gaat om leefbaarheid en veiligheid. Gebrekkige communicatie en het niet nakomen van afspraken is hier volgens de inwoners de oorzaak van. Opvallend is dat bewoners van

Veldhuizen-A meer tevreden zijn dan gemiddeld.

De waardering voor het optreden van de politie in de woonbuurt is gestegen. Veel burgers (35 procent) zijn echter niet tevreden over de afhandeling van een aangifte of melding. Een aanzienlijke groep vindt ook dat de politie zich meer op straat moet laten zien.

Aanbevelingen

Het intensiveren van de wijkgerichte aanpak én een nog actievere samenwerking tussen gemeenten, politie, woningcorporatie Woonstede en welzijnsinstelling Welstede is één van de aanbevelingen die het college van burgemeester en wethouders doet.

Om inzicht te krijgen per wijk zou er een digitaal wijkinformatiesysteem met actuele informatie over bewonersopbouw, veiligheid, leefbaarheid en voorzieningen moeten komen.

Om sociale overlast en geweldsdelicten terug te dringen, wil het college meer buitengewone opsporingsambtenaren aanstellen, gedragscodes in wijken invoeren en maatregelen nemen om veilig uitgaan te stimuleren.

Een gemeentebreed Plan van Aanpak moet zorgen voor optimale communicatie en dienstverlening naar burgers binnen de gemeente Ede.

De gemeenteraad moet nog besluiten over de aanbevelingen.

Aanpak woonoverlast

Het Plan van Aanpak Woonoverlast is het eerste instrument dat naar aanleiding van de aanbevelingen wordt ingezet. Aanleiding voor dit plan is dat de gemeente Ede jaarlijks geconfronteerd wordt met een aantal klachten over langdurende woonoverlast. Naar aanleiding daarvan is besloten hier wat aan te gaan doen, met name omdat woonoverlast een sterk negatieve invloed heeft op het welbevinden van burgers.

Het Plan van Aanpak is een stapsgewijze aanpak, die van melding tot oplossing van het probleem precies beschrijft welke stappen genomen kunnen worden en wie daar bij betrokken zijn. Op deze manier is altijd duidelijk in welke fase het probleem zich bevindt en wie ermee te maken heeft. Eén persoon is probleemeigenaar, een woonconsulent of gebiedsagent.

Gesprekken, buurtbemiddeling, projectaanpak politie, inzet buurtwerk en hulpverlening zijn instrumenten die ingezet kunnen worden. Ook het aanbieden van een andere woning behoort tot de opties.

Buurtbemiddeling

Een van de maatregelen uit het Plan van Aanpak Woonoverlast is buurtbemiddeling, een vorm van burenruzies oplossen onder leiding van een professional en een groep vrijwilligers. Welzijnsorganisatie Welstede doet de uitvoering. Het project begint voor een periode van een jaar, met de mogelijkheid om nog eens twee jaar te verlengen.

Ruzies tussen buren komen regelmatig voor en kunnen diep ingrijpen het leven van mensen. Bewoners weten vaak niet bij wie ze terecht kunnen met zon probleem. Het is niet de verantwoordelijkheid van wijkagenten, wijkbeheerders of woonconsulenten om dergelijke zaken op te lossen. Het inschakelen van een advocaat is meestal ook geen oplossing.

Gezamenlijk initiatief

De gemeente Ede en woningcorporatie Woonstede nemen nu het initiatief om in Ede met buurtbemiddeling te beginnen. Beide organisaties investeren EUR 30.000 per jaar in het project.

Ruzie oplossen

Een professionele coördinator wordt ingezet als er problemen zijn tussen personen uit een buurt, wijk of dorp. Onder zijn leiding zijn verschillende vrijwillige bemiddelaars actief. Buurtbemiddeling is een vorm van sociaal investeren met als doelstelling de woonkwaliteit in de buurt te verbeteren door ruzies op te lossen.

Vrijwillig

De bemiddeling betekent een luisterend oor en onafhankelijke gespreksleiding voor de betreffende personen, onder leiding van twee bemiddelaars. Deze bemiddelaars leiden het gesprek, maar zijn onpartijdig, dragen geen oplossingen aan en hakken geen knopen door. Een belangrijk kenmerk van buurtbemiddeling is dat die altijd op vrijwillige basis is en beide partijen bereid zijn mee te doen. De inzet is een win-win resultaat en het herstel van de communicatie; dat is niet hetzelfde als recht halen.

Gratis

De bemiddeling is gratis en dus laagdrempelig. Alleen zogenaamde horizontale conflicten, waarbij geen machtsverschillen spelen, komen in aanmerking voor bemiddeling.

Informatie

Welstede gaat in de plaatselijke media bekend maken op welke manier mensen de coördinator kunnen bereiken voor een afspraak. Via de gebruikelijke weg, bij de wijkagent, de wijkbeheerder of de woonconsulent, kunnen inwoners natuurlijk ook een meningsverschil met hun buren melden.

De gemeenteraad moet het het Plan van Aanpak Woonoverlast en het project Buurtbemiddeling nog goedkeuren. Daarna kan de coördinator aan de slag.


---