Ministerie van Buitenlandse Zaken

Beantwoording vragen kamerlid Van Velzen over het patrouilleren van Britse met kernwapens bewapende onderzeeboten in Nederlandse wateren

15-03-2007 | Kamerstuk | Nederlands Ministerie van Buitenlandse Zaken

Graag bieden wij u hierbij de antwoorden aan op de schriftelijke vragen gesteld door het lid Van Velzen over het patrouilleren van Britse met kernwapens bewapende onderzeeboten in Nederlandse wateren. Deze vragen werden ingezonden op 1 februari 2007 met kenmerk 2060706920.

De minister van Buitenlandse Zaken,

Drs. M.J.M. Verhagen

De minister van Defensie,

E. van Middelkoop

Antwoorden van de heer Verhagen, minister van Buitenlandse Zaken, en de heer Van Middelkoop, minister van Defensie, op vragen van het lid Van Velzen (SP) over het patrouilleren van Britse met kernwapens bewapende onderzeeboten in Nederlandse wateren.

Vraag 1

Is het u bekend dat het Verenigd Koninkrijk er naar streeft om tenminste één van de vier Britse Trident onderzeeboten, bewapend met 48 kernkoppen met een capaciteit van maximaal 100 kiloton per stuk, per stuk, in de wateren van het Noordelijk halfrond te laten patrouilleren? Zijn er begrenzingen aan het operatiegebied van deze Britse onderzeeërs? Zo ja, welke?

Antwoord

In het openbare stuk 'The Future of the United Kingdom's Nuclear Deterrent' stelt de Britse regering dat van de vier Britse Vanguard onderzeeboten er onder normale omstandigheden ononderbroken één op patrouillevaart is. In deze notitie maakt de Britse regering het voornemen kenbaar om het Trident systeem te vernieuwen door de Vanguard onderzeeboten te vervangen en de levensduur van de Trident raketten te verlengen. De Britse regering stelt dat het uiteindelijke besluit over de toekomstige omvang van de onderzeebootvloot pas genomen zal worden als nadere details bekend zijn over het ontwerp van de opvolger van de Vanguard onderzeeboten. De Britse regering doet om redenen van staatsveiligheid en op grond van bondgenootschappelijke afspraken geen mededelingen over locaties van zijn kernwapens.

Vraag 2
Varen deze onderzeeboten ook door Nederlandse wateren? Zo ja, wordt u hiervan op voorhand op de hoogte gesteld? Hoe vaak, waar en wanneer hebben er Trident onderzeeboten Nederlandse wateren aangedaan? Wat was de reden hiervoor? Zijn er verdragen tussen Nederland en het Verenigd Koninkrijk, danwel NAVO-afspraken, over het toelaten van deze boten in Nederlandse wateren? Bent u bereid deze verdragen dan wel afspraken aan de Kamer te overleggen? Zo neen, waarom niet? Bent u bereid om de Nederlandse wateren te sluiten voor kernwapens en aansluiting te zoeken bij andere landen die al zogenaamde "nuclear-weapon-free zones" hebben ingesteld?

Antwoord

Er zijn de regering geen gevallen bekend van door Nederlandse wateren varende Britse Vanguard onderzeeboten. Ingevolge de Kernenergiewet en regelgeving ter uitvoering hiervan is onder meer een autorisatie vereist voor het vervoer van splijtstoffen en ertsen alsmede voor het gebruikmaken van een nucleair aangedreven vaartuig. Dit brengt met zich mee dat de Nederlandse overheid altijd op de hoogte dient te worden gebracht van een voorgenomen doorvaart.

Vraag 3
Is het waar dat Nederlandse militairen deelnemen aan oefeningen zoals de Exercise Neptune Warrior', op de marinebasis Faslane, thuisbasis van de Tridents? Worden de Tridents bij deze oefeningen gebruikt?

Antwoord

Ja, Nederlandse militairen nemen regelmatig deel aan oefeningen zoals de Exercise Neptune Warrior. Voorafgaande en aansluitend aan de oefening worden in het kader van de oefening instructies gegeven op HMS Naval Base Clyde, dat onder meer de thuisbasis is van de Britse Vanguard vloot. Onderzeeboten van deze klasse nemen geen deel aan de oefening.

Vraag 4

Bent u bekend met de white paper die premier Blair aan het Britse Lagerhuis heeft voorgelegd, waarin hij voorstellen doet om de Tridents te vervangen door nieuwe, gemoderniseerde onderzeeboten met nieuwe kernkoppen? Deelt u de mening dat de aanschaf van nieuwe kernwapens in strijd is met artikel VI van het non-Proliferatie-Verdrag (NPV) dat alle lidstaten van het verdrag verplicht 'te goeder trouw onderhandelingen te voeren over effectieve maatregelen om de nucleaire wapenwedloop op korte termijn te stoppen en over nucleaire ontwapening, alsook over een verdrag voor algemene en volledige ontwapening onder strikte en effectieve internationale controle'?

Vraag 5

Bent u bereid om in VN-verband het voornemen van het Verenigd Koninkrijk om artikel VI van het NPV niet na te leven aan de orde te stellen? Bent u voorts bereid om het niet naleven van artikel VI van het NPV aan de orde te stellen in de Nuclear Planning Group van de NAVO? Zo neen, waarom niet?

Antwoord

Het Britse voornemen om zijn nucleaire afschrikkingscapaciteit na 2020 te behouden, is niet in tegenspraak met de internationale juridische verplichtingen van het Verenigd Koninkrijk. Het verlengen van de levensduur van de Trident raketten geschiedt middels vervanging van de bestaande kernkoppen en druist derhalve niet in tegen artikel VI van het Non Proliferatieverdrag. Een reductie van 20 procent van de operationeel beschikbare kernkoppen maakt onderdeel uit van het Britse voornemen.

Artikel VI van het NPV schrijft voor dat partijen bij het Verdrag streven naar kernontwapening, alsmede naar een verdrag inzake algemene en volledige ontwapening. De Britse regering, evenals de Nederlandse, onderschrijft dit volledig. Het doel van een veilige wereld waarin kernwapens niet langer benodigd zijn, kan echter pas op langere termijn worden bereikt.

Vraag 6

Hebt u kennisgenomen van het artikel 'A World free of Nuclear Weapons' ² van onder meer de oud-ministers van Buitenlandse Zaken van de Verenigde Staten, de heren Kissinger en Schultz? Deelt u de mening dat hun pleidooi om tot kernontwapening te komen in onder meer Europa uitvoering verdient? Indien neen, waarom niet? Zo ja, op welke wijze wenst u daaraan vorm te geven? Hoe staat u tegenover het punt om (tactische) kernwapens te elimineren? Op welke wijze denkt u hieraan mede uitvoering te kunnen geven?

Antwoord

Ja, de regering is bekend met het artikel 'A world free of Nuclear Weapons'². Zoals gesteld in het antwoord op de vragen 4 en 5 onderschrijft de regering volledig het in het NPV voorgeschreven doel te streven naar kernontwapening, alsmede naar een verdrag inzake algemene en volledige ontwapening onder strikte en effectieve internationale controle. De regering meent dat moet worden voortgegaan met het nemen van zinvolle stappen om dit doel naderbij te brengen. In deze context moge worden verwezen naar het zogeheten NAVO-3 papier, dat eerder toeging aan de Tweede Kamer (vergaderjaar 2003-2004, 29 200V, nr.101) Bij dit initiatief van Nederland samen met België en Noorwegen (ten behoeve van de in 2005 gehouden Toetsingsconferentie van het Non-Proliferatie Verdrag) hebben Litouwen, Spanje, Polen en Turkije zich inmiddels aangesloten. In dit NAVO-7 papier worden een aantal concrete stappen in de richting van kernontwapening aanbevolen, zoals de onmiddellijke aanvang van onderhandelingen over een 'Fissile Material cut-off Treaty', spoedige inwerkingtreding van het Alomvattende kernstopverdrag (CTBT) en het instandhouden van een moratorium op kernproeven zolang dit verdrag nog niet in werking is getreden. In het papier worden alle staten die over niet-strategische nucleaire wapens beschikken opgeroepen deze te betrekken in het algehele proces van kernwapenreductie en kernontwapening.


* Wall Street Journal, 4 januari 2007.

* http://www.manw.nato.int/pages/updates/snfl/Neptune%20Warrior%2005.htm
* Ministerie van Buitenlandse Zaken

* Bezuidenhoutseweg 67

* Postbus 20061

* 2500 EB Den Haag

* Tel.: 070-3 486 486

* Fax: 070-3 484 848

* Internet: www.minbuza.nl