ChristenUnie


ChristenUnie: zet in op gezinnen, preventie en regie

ChristenUnie: zet in op gezinnen, preventie en regie

dinsdag 03 juli 2007 14:34

Bij mij in Amsterdam Noord wordt een kind van 4 jaar gedood door zijn eigen moeder. Hij was niet goed in beeld bij jeugdzorg; zijn zus van 13 wel, die werd eerder uit huis geplaatst. Een kennis belt: hij zit omhoog met zijn puberzoon en belt Bureau Jeugdzorg. Bij gebrek aan personeel nemen ze niemand meer aan zolang het geen crisisgeval is. Waarom blijven teveel kinderen in nood buiten het blikveld van de hulpverleners? En waarom groeien de wachtlijsten in de jeugdzorg weer aan? Vandaag zal de Tweede Kamer hierover spreken met minister Rouvoet.

Door Joel Voordewind
Voorop gesteld: met 80 tot 85 procent van de kinderen in Nederland gaat het goed. Maar: een op de acht jongeren heeft wél hulp nodig. Bijvoorbeeld wegens problemen bij de opvoeding, drankverslaving, depressiviteit of suïcidaal gedrag. Zelfmoord onder jongeren is doodsoorzaak nummer 1. Daarbij komen de eerste officiële cijfers die onlangs uitkwamen over kindermishandeling in Nederland: geen 50.000 (de oude aanname) maar tussen de 100.000 en 160.000 slachtoffers per jaar. Kinderen worden in hun eigen gezin fysiek mishandeld, seksueel misbruikt of geestelijk verwaarloosd. Jaarlijks overlijden vijftig kinderen door mishandeling thuis, op de plek waar ze een kind zich bij uitstek veilig zouden moeten weten. Schokkende cijfers.

Intussen lijken de wachtlijsten weer op te lopen, nadat ze vorig jaar met extra geld nagenoeg waren weggewerkt. Twaalfhonderd jongeren die in de (gesloten) jeugdzorg thuishoren, zitten in een jeugdgevangenis. En gezinsvoogden hebben 25 gezinnen onder hun hoede: dat is gewoon teveel.

De ChristenUnie vond en vindt dat opvoeding primair de taak is van de ouders. En gelukkig gaat dat vaak goed. Maar schrijnende problemen, zoals kindermishandeling, vragen van de overheid soms in te grijpen in het belang van het kind. De overheid moet ouders durven aanspreken op hoe ze hun opvoedingstaak uitvoeren, en als het fout gaat hen actief bijstaan. Zonodig met drang.

Alleen maar geld pompen in het wegwerken van de wachtlijsten voor jeugdzorg, is niet de oplossing. Mijn inschatting is wel dat de vraag naar jeugdzorg de komende jaren verder zal toenemen. We krijgen namelijk steeds beter in beeld waar het mis gaat. Dat is ook een doelstelling van de nieuw op te zetten Centra voor Jeugd en Gezin, in wijken en dorpen: zij moeten ervoor zorgen dat er nog beter en sneller word opgemerkt waar het fout gaat. Maar dat niet alleen: ze moeten er ook aan bijdragen dat het vaker goed gaat.

Gezinnen
Goed functionerende gezinnen en huwelijken is cruciaal voor een goede opvoeding van kinderen. Uit onderzoek blijkt onder meer dat gezinnen beter functioneren naarmate ze een sterker sociaal netwerk om zich heen hebben. Het opbouwen en versterken van gezinnen en hun sociale netwerken is daarom vertrekpunt voor een effectief jeugdbeleid. Tenzij er kindermishandeling in het spel is, moeten we terughoudend zijn met het uit huis plaatsen van kinderen en jongeren. Waar hulp geweigerd wordt, zal gedwongen opvoedingsondersteuning in gang gezet moeten worden. Dat kan door (dreigen met) ondertoezichtstelling van de overheid. Het recente voorstel van burgemeester Cohen om kinderen sneller uit huis te halen, is een lapmiddel en kan alleen een tijdelijke oplossing bieden. Want na uithuisplaatsing van het ene kind is het wachten op problemen bij het volgende kind. Investeren in gezonden huwelijken door het geven van cursussen zou gestimuleerd moeten worden door de nieuwe Centra voor jeugd en gezin.

Preventie
Voorkomen is beter dan aanspraak maken op de dure jeugdzorg. Aan de 5 procent van de gezinnen die niet bij consultatiebureaus langskomen, besteedt de jeugdzorg 80 procent van haar tijd. Daarom zullen consultatiebureaus meer en meer mensen thuis moeten opzoeken. Een project als `handen aan de bel' in Nijmegen, en soortgelijke activiteiten in Gorinchem (bemoeizorg), verdienen landelijke navolging.

Opvoedingsondersteuning kan ook geboden worden door gemeenten: door het aanbieden van een uitgebreid informatiepakket over opvoeding bij aangifte van het eerste kind. Kerken zouden opvoedingscursussen kunnen aanbieden voor de ouders in de wijk. En om de nieuwe Centra voor Jeugd en Gezin zo laagdrempelig te maken, moeten zij ook een website hebben waar je vragen kunt stellen en kunt chatten over opvoedingsproblemen. Daarnaast pleit ik voor een `opvoedtelefoon' waar ouders, net als kinderen bij de kindertelefoon, met hun sores terecht kunnen en waar hen zonodig de weg gewezen wordt naar professionele hulp.

Preventie betekent ook dat de overheid het goede voorbeeld moet geven. Door bijvoorbeeld coffeeshops bij scholen te sluiten, en pornofeesten en het overmatig alcoholgebruik te bestrijden. Een overheid die moreel gezag toont, ondersteunt de opvoeding door ouders.

Regie
Uit recent onderzoek naar wat er fout ging met het `Maasmeisje', blijkt dat er nog een wereld te winnen valt door betere afstemming tussen de verschillende organisatie. Maar liefst 21 hulpinstanties werkten langs elkaar heen. Niemand nam de regie.

Er mag geen competentiestrijd ontstaan tussen de provinciale bureaus jeugdzorg en de nieuwe Centra voor Jeugd en Gezin. De nieuwe centra moeten dé centrale laagdrempelige toegang worden voor mensen in de wijk. Daarbij moet er één persoon de regie voeren, aanspreekbaar zijn en ook toezicht houden als er andere instanties hulp verlenen. Niet nog meer bureaucratie, maar beter bundelen van de bestaande zorg. Binnen de Centra voor Jeugd en Gezin moet het consultatiebureau de coördinatie van de zorg voor kinderen van 0 tot 4 op zich nemen, en de Zorg- en Advies Teams van scholen moeten vroegsignalerend optreden voor kinderen en jongeren van 4 tot 23 jaar. Ik heb er bij de minister voor Jeugd en Gezin op aangedrongen, dat elke school zo'n multidisciplinair ZAT moet hebben. Het elektronische kinddossier, dat uiterlijk 1 januari 2009 moet functioneren, en de verwijsindex, is voor deze centrale regie onmisbaar. Per gemeente zal dan een regisseur aangewezen moeten worden voor deze groep binnen de Centra voor Jeugd en Gezin. De overheid moet er op toezien dat de gemeenten bepalen wie de regie voert.

Versterking van gezinnen en hun sociale netwerk; preventie door ouders te ondersteunen (praktisch en moreel) bij de opvoeding; een duidelijke regie in de jeugdhulpverlening. Langs die drie lijnen wil ik me de komende jaren inzetten voor jeugd en gezinnen in Nederland.

Joël Voordewind is woordvoerder Jeugd en Gezin van de ChristenUnie-fractie in de Tweede Kamer.