Gemeente Rotterdam

Nr. 177
12 oktober 2007

1600 Rotterdamse 65plussers recht op extra inkomen

6.200 Rotterdamse huishoudens leven van een onvolledige AOW zonder een aanvullende uitkering vanuit de Wet Werk en Bijstand (WWB). Van deze 6.200 uitkeringsgerechtigden, blijken er circa 1.600 onder het sociaal minimum te leven en dus recht te hebben op een aanvullende WWB-uitkering. Dit blijkt uit de bestandskoppeling van de dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid van de gemeente Rotterdam met de Rijksbelastingdienst. Rotterdam wil deze 1600 ouderen zo spoedig mogelijk wijzen op hun recht en helpen met de aanvraag voor de uitkering.

De gerichte bestandskoppeling van de Rijksbelastingdienst en Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SoZaWe) is nieuw in Nederland. De koppeling is uitgevoerd vanuit het zogenaamde IPW-project (innovatieprogramma WWB), gesubsidieerd door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Vijftien gemeenten nemen deel aan dit project. Rotterdam is de eerste gemeenten waar de bestanden daadwerkelijk zijn gekoppeld en loopt daarmee vooruit op de andere veertien gemeenten.

Onvolledige AOW
Nederlanders komen in aanmerking voor een volledige AOW als zij tussen hun 15e en 65e jaar 50 jaar in Nederland gewoond en / of gewerkt hebben. Is deze periode onderbroken geweest, of pas na het 15e levensjaar gestart, dan wordt een aftrek van 2% per jaar toegepast.

Hulp voor 1600 huishoudens
De Rotterdamse ouderenteams gaan de komende maanden de 1.600 huishoudens, die uit de vergelijking naar voren zijn gekomen, gericht benaderen. Zij kijken dan ook of deze mensen ook nog recht hebben op andere minimaregelingen zoals bijzondere bijstand en helpen zonodig met de aanvraag. De WWB wordt verzorgd door de Sociale Verzekeringsbank (SVB). De SVB en SoZaWe maken zich sterk om het gebruik van deze voorziening te vergroten.

Wethouder Jantine Kriens: 'Het college wil Rotterdammers met financiële problemen zo snel mogelijk uit de gevarenzone halen en zorgen dat ze weer op eigen benen kunnen staan. Door deze bestandskoppeling krijgen wij informatie waarmee wij mensen echt verder kunnen helpen. Het zou goed zijn als deze koppeling landelijk ingevoerd kan worden'.

Staatssecretaris Ahmed Aboutaleb (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) is blij dat de proef zo succesvol is verlopen. ,,Het is belangrijk dat mensen die het moeilijk hebben het geld krijgen waar ze recht op hebben. Die regelingen zijn er niet voor niets. Veel mensen leven onnodig in armoede doordat ze de weg niet weten in te vinden naar de inkomensondersteuning.'' Aboutaleb ziet het koppelen van bestanden als een belangrijk instrument om het niet-gebruik van voorzieningen tegen te gaan. Hij wil de proef dan ook uitbreiden. Mogelijk kunnen zo ook andere huishoudens die onder het bestaansminimum zitten worden geholpen.

Uitvoeringsprogramma Armoedebestrijding
De bestandskoppeling is een onderdeel van het Uitvoeringsprogramma Armoedebestrijding. Het Rotterdamse beleid richt zich op alle Rotterdammers met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum. De gemeente wil mensen met financiële problemen uit de gevarenzone halen en zorgen dat zij financieel weer op eigen benen kunnen staan. Daarom wil het Rotterdamse college van B en W het bereik van de Bijzondere Bijstand vergroten. Ook wordt bureaucratie aangepakt door het verminderen van onnodige regels, worden extra gelden automatisch verstrekt en aanvraagprocedures makkelijker gemaakt. Alle maatregelen samen vormen een offensief tegen de armoede. Voor deze intensivering is 4 miljoen euro extra uitgetrokken. Het bestrijden van armoede is één van de ambities van het Rotterdamse college om het sociale klimaat in de stad te verbeteren. Daarnaast is er bijzondere aandacht voor taal, opleiding, werk, activerende zorg en sociale binding.

noot voor de redactie/