ChristenUnie


Maatschappelijke stages moeten stagemarkt niet verpesten

Maatschappelijke stages moeten stagemarkt niet verpesten

dinsdag 12 februari 2008 13:49 Maatschappelijke stages vormen een belangrijke overeenkomst in het coalitieakkoord, maar mogen de stagemarkt niet verpesten. Dat zei Tweede Kamerfractievoorzitter Arie Slob gisteren tijdens een debat van Christennetwerk GMV in Den Haag over de relatie tussen het bedrijfsleven en het onderwijs. Het zal heel wat vragen van scholen en bedrijven, en levert ook druk op in gebieden waar het aanbod van stageplaatsen toch al niet zo groot is, zei Slob.

Het Nederlands Dagblad meldt in een verslag van het debat dat de invoering van de maatschappelijke stages de `al moeizame relatie' tussen onderwijs en bedrijfsleven bedreigt. Met de maatschappelijke stage wil het kabinet bereiken dat scholieren op het voortgezet onderwijs kennis maken met en een onbetaalde bijdrage leveren aan de samenleving.

Stagemarkt
Oud-ChristenUnie fractievoorzitter Kars Veling, tegenwoordig directeur van de Johan de Witt Scholengroep in Den Haag, debatteerde ook mee. Hij vroeg zich af of de veelheid aan maatschappelijke stages de stagemarkt niet bedreigen, schrijft het ND.

Fractievoorzitter Slob deelt die angst met Veling. "Ik ben een van degenen die het langst heeft aangehikt tegen het invoeren van de maatschappelijke stage. Tegelijk is dit het door de bevolking meest gewaardeerde punt uit het coalitieakkoord. Het zal heel wat vragen van scholen en bedrijven, en levert ook druk op in gebieden waar het aanbod van stageplaatsen toch al niet groot is. We moeten oppassen dat de stagemarkt niet wordt verpest en bedrijven de deuren helemaal dicht doen''

Bedrijfsleven
Veling stelde eerder al dat het bedrijfsleven zelf ook een rol speelt in de problematiek van schooluitval. Bedrijven nemen jonge, goedkope arbeidskrachten zonder diploma in dienst. Hierdoor zouden ook opleidingen verdwijnen door een gebrek aan leerlingen.

Ook Arie Slob vindt de 'groenpluk' door bedrijven geen goede zaak. Dit werven van jonge arbeidskrachten voordat ze een diploma hebben behaald, heeft volgens hem een contraproductieve werking.