Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Kamervragen over doorlevering ProMT-terreinen

19 mei 2008 - kamerstuk

Kamerbrief waarin de minister aangeeft dat de doorlevering van terreinen in het kader van het Project afstoting Overtollige Militaire oefen Terreinen correct verloopt en de gegevens openbaar zijn.

Meer informatie

* Kamervragen over doorlevering ProMT-terreinen Kamerstuk | 19-05-2008 | PDF-Document, 46 kB
Voor downloaden van PDF-bestanden: Zie het origineel


Geachte Voorzitter,
Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het lid Snijder-Hazelhoff (VVD) over doorlevering van ProMT-terreinen.

1
Bent u bekend met de brief van de staatssecretaris van Financiën van 8 februari 2005 aan de Tweede Kamer 1), waarin beschreven staat dat 'een van de belangrijkste uitgangspunten is dat het Project afstoting Overtollige Militaire oefen Terreinen voor het Rijk in beginsel budgettair neutraal moet zijn'?
Ja.

2
Heeft u een verklaring voor het feit dat vele ProMT-terreinen, waar ook aantoonbare particuliere interesse voor bestond, niet zijn doorgeleverd aan terreinbeherende organisaties, terwijl deze terreinen voor marktconforme prijzen hadden kunnen worden verkocht aan geïnteresseerde en kwalificerende particulieren en zodoende inkomsten hadden kunnen opleveren voor de Staatskas?
De terreinen die aan de terreinbeherende organisaties zijn overgedragen, zijn op basis van harde bestuurlijke afspraken of in het kader van 'eenheid van beheer en/of eigendom' doorgeleverd. Dat is gebeurd conform de benadering waarover de betrokken partijen zijn geïnformeerd. De toepassing van het criterium 'eenheid van beheer en/of eigendom' vloeit voort uit het mede door de Tweede Kamer goedgekeurde anti-versnipperingsbeleid dat ik voor de EHS uitvoer.
De doorlevering aan particuliere beheerders is prioritair voor het restant aan over te dragen terreinen. Ongeveer 1150 ha (dat is 52% van in totaliteit ruim 2200 ha) van het totaal aan 'groene' objecten ProMT, komen in aanmerking voor openbare verkoop en/of zijn (worden) overgedragen ten behoeve van particulier beheer.


3
Kunt u bevestigen dat het uw doelstelling was en is in het kader van ProMT om de verhouding van circa 60% beheer door terreinbeherende organisaties en 40% beheer door particulieren te realiseren? Erkent u dat er van de 53 potentieel over te dragen militaire terreinen inmiddels meer dan 70% aan terreinbeherende organisaties is doorgeleverd en dat daarmee de oorspronkelijke doelstelling van 40% doorlevering aan particulieren al niet meer gehaald kan worden?
De doelstelling kan ik bevestigen. In het kader van het project Ontwikkeling Militaire Terreinen streef ik ernaar om de mogelijkheden voor particulier natuurbeheer zo veel als mogelijk te benutten. Op basis van de huidige resultaten zullen 45 van de 53 terreinen, deels of geheel worden aangeboden aan andere partijen dan de terreinbeherende organisaties.
4
Kunt u uitleggen hoe het mogelijk is dat militaire terreinen zijn doorgeleverd op basis van bestuurlijke afspraken, terwijl deze bestuurlijke afspraken nergens op schrift terug te vinden zijn?
De bestuurlijke afspraken zijn aantoonbaar op schrift aanwezig en in te zien bij directie Regionale Zaken vestiging Oost van mijn ministerie. Bij vijf objecten is sprake van bestuurlijke afspraken en bij vijf andere projecten is sprake van terugkooprechten. In geval van twee objecten in Drenthe is sprake van oorspronkelijk mondelinge bestuurlijke toezeggingen die in een later stadium schriftelijk door partijen zijn bevestigd.
5
Bent u bereid de bestuurlijke afspraken op basis waarvan de doorlevering van diverse militaire terreinen aan terreinbeherende organisaties heeft plaatsgevonden openbaar te maken? Zo neen, kunt u dan uitleggen waarom bij de doorlevering van de militaire terreinen voorbij is gegaan aan geïnteresseerde particulieren? Bent u bereid het rapport of verslag over de 23 gerealiseerde ProMT-doorleveringen aan de Kamer sturen? Deze bestuurlijke afspraken zijn openbaar.
Er is niet voorbijgegaan aan geïnteresseerde particulieren. Steeds is de getoonde interesse van particuliere partijen of vertegenwoordigende organen in beraad genomen en de gevraagde informatie geleverd. Conform de opdrachtverlening komen nieuwe eigenaren/beheerders alleen aan bod in de gevallen van openbare verkoop. De eerste openbare verkoop moet nog plaatsvinden.
De rapportage over de gerealiseerde ProMT-doorleveringen is ook openbaar.
6
Bent u bekend met het artikel 'Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer zijn niet altijd de beste beheerders'?
Ja.


7, 8 en 9
Kent u het advies van professor van der Woude, hoogleraar mededingingsrecht Erasmus Universiteit, waarop in het artikel wordt gedoeld? Zo ja, hoe kijkt u aan tegen de bevoordeling van officiële natuurbeheerorganisaties waarop de heer van der Woude wijst? Erkent u dat er bij doorlevering van gronden sprake is van financieel ongelijke behandeling van beheerderscategorieën, terwijl sprake is van gelijkwaardige natuurwaarden? Erkent u tevens dat hiermee niet wordt bijgedragen aan een juiste en doelmatige besteding van overheidsmiddelen? Zo ja, bent u bereid om zowel op rijks- als provinciaal niveau te bevorderen dat deze ongelijkheid wordt opgeheven? Bent u bereid samen met de betrokken partijen - particuliere eigenaren, terreinbeherende natuurbeschermingsorganisaties en agrarische natuurverenigingen alsmede provincies - een algemeen beleidskader te formuleren voor doorlevering van natuur- en bosterreinen en van landbouwterreinen ten behoeve van natuurontwikkeling, op basis van gelijkwaardigheid en gelijkberechtiging?
Ja, van het advies van professor Van der Woude ben ik op de hoogte. Mijn beleid is om particuliere natuurbeheerders en de particuliere natuurbeschermingsorganisaties gelijkwaardig te behandelen. De Federatie Particulier Grondbezit (FPG) heeft zich op 27 februari 2008 schriftelijk volledig achter mijn beleid geschaard. Over de invulling en instrumentatie van mijn beleid zijn de meningen niet eensluidend. Het advies van professor Van der Woude gaat onder andere hierover en wordt nu door mij op zijn juridische merites bezien. Met de FPG is afgesproken dat een brainstormsessie zal worden georganiseerd over de mogelijkheden om de doelstelling van 40.000 ha particulier natuurbeheer te realiseren. In deze bijeenkomst zal mijn ministerie en de provincies met particulieren, natuurbeschermingsorganisaties en agrariërs de knelpunten in beeld brengen en oplossingen formuleren. Gelijkwaardigheid en gelijkberechtiging tussen particulieren en de grote terreinbeheerders zullen daarbij aan de orde komen. DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN
VOEDSELKWALITEIT,
G. Verburg