Provincie Overijssel

Overijssel koopt 19 kunstwerken van Paul Citroen

Een zelfportret van Paul Citroen.

De provincie Overijssel heeft 19 kunstwerken van Paul Citroen aangekocht uit particulier bezit. Overijssel bezat al de grootste Citroen-collectie ter wereld. Niettemin wordt de aankoop gezien als een belangrijke aanwinst voor de collectie, omdat het hier gaat om een reeks sleutelwerken in Citroens oeuvre.

Een belangrijk deel van de 19 aangekochte werken is te zien op de Paul- Citroententoonstelling in Museum De Fundatie te Zwolle, die zaterdag 20 september 2008 officieel wordt geopend door de dochter van Paul Citroen, Paulien Bruggeman- Citroen. Cultuurgedeputeerde Dick Buursink zal daar ook spreken. De tentoonstellingsvoorbereidingen die een jaar geleden startten hebben gezorgd voor een hernieuwde belangstelling voor Citroen, ook internationaal en met name in Berlijn.

"Paul Citroen (1896-1983) - Tussen modernisme en portret" is de titel van de tentoonstelling in het Paleis aan de Blijmarkt. De tentoonstelling biedt een overzicht van het omvangrijke oeuvre van Paul Citroen en omvat ruim 250 werken. Een groot deel hiervan is afkomstig uit de nalatenschap van Citroen, die sinds 1995 in bezit is van de Provincie Overijssel en wordt beheerd door Museum de Fundatie.

In totaal bezit de provincie Overijssel ruim 2000 werken van Paul Citroen. De provincie verwierf ze vanaf 1973-1975. Dat gebeurde op voorstel van het Statenlid Maaskant; hij was bevriend met Paul Citroen. De kunst diende als verfraaiing van het nieuwe provinciehuis, dat indertijd door Koningin Juliana officieel werd geopend. De tentoonstelling in het Paleis aan de Blijmarkt omvat daarnaast zo'n zeventig werken op papier uit de collectie van het Bauhaus-Archiv Berlin en een reeks belangrijke bruiklenen van particulieren en musea. Veel van de werken zijn nu voor het eerst voor publiek te zien, van 21 september 2008 tot en met 11 januari 2009.

De belangstelling in Berlijn voor de kunst van Paul Citroen heeft een historische aanleiding. Paul Citroen werd er geboren, Berlijn was in de eerste decennia van de vorige eeuw het brandpunt van de artistieke avant-garde en Paul Citroen zat er middenin. Citroen werd chroniqueur, verzamelaar en propagandist van de moderne kunst. In 1928 vestigde hij zich in Nederland en in 1933 richtte hij met Charles Roelofsz (1897-1962) in Amsterdam de Nieuwe Kunstschool op, naar voorbeeld van het Bauhaus. In zijn werk richtte Citroen zich vooral op het portret, een genre dat hij vanaf het begin van zijn loopbaan beoefende en tot aan zijn dood koesterde als zijn specialisme.

Verwacht wordt dat de Paul Citroen-tentoonstelling - evenals de Jeroen Krabbé - expositie eerder dit jaar - een flinke publiekstrekker wordt. De provincie Overijssel stimuleert de openstelling van kunst en cultuur voor een breed publiek. Cultuurgedeputeerde Buursink: "We werken aan een klimaat dat kunstenaars uitdaagt om in Oost-Nederland te komen werken. Dat ontmoetingen creëert tussen kunstenaars met hun werk en het publiek. Waarbij kunstenaars hun werk ook moeten kunnen verkopen. En waarbij ook overheden als opdrachtgever durven optreden. Want een dynamisch cultuurklimaat vraagt investeringen, vraagt soms lef". Zijn motto: "Voor iets bijzonders steek je de IJssel over".