Gerechtelijke organisatie

Portretfoto Leden Raad voor de rechtspraak

Arrestatie in cel niet verboden

Den haag, 20 november 2008 - De Hoge Raad heeft op 4 november 2008 een beschikking gewezen waaruit door De Telegraaf wordt afgeleid dat daarmee een verbod is gegeven op de mogelijkheid om een gedetineerde in zijn cel aan te houden (`Arrestatie in cel is voortaan verboden', 20 november 2008)). Die conclusie van De Telegraaf is onjuist.

Achtergrond
De zaak heeft betrekking op een man die tot vier jaar gevangenisstraf was veroordeeld en die straf uitzit. Het openbaar ministerie heeft gevorderd de man in voorlopige hechtenis te nemen (gevangenhouding) in verband met de verdenking van betrokkenheid bij een dubbele moord in 1993 in Antwerpen. De rechtbank Amsterdam heeft op 13 november 2007 de vordering tot gevangenhouding afgewezen.
Het hof Amsterdam heeft het daartegen ingestelde hoger beroep op 21 november 2007 afgewezen. Het hof heeft daarbij als praktisch argument gebruikt dat de verdachte toch nog geruime tijd in Nederland gedetineerd is. Het openbaar ministerie heeft tegen deze beslissing beroep in cassatie bij de Hoge Raad ingesteld.

Conclusie advocaat-generaal
Waarnemend advocaat-generaal mr. C. J.G. Bleichrodt heeft op 2 september 2008 in zijn advies aan de Hoge Raad geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep. Het hof moet beoordelen of voorlopige hechtenis mogelijk en wenselijk is en daarbij allerlei belangen afwegen. Hij vindt de feitelijke afweging van het hof in dit geval begrijpelijk.

De uitspraak van de Hoge Raad
De Hoge Raad heeft op 4 november 2008 het cassatieberoep verworpen onder verwijzing naar art. 81 RO. Dat betekent dat een verkorte motivering is gebruikt die inhoudt dat de zaak niet vraagt om beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Gevolg van deze uitspraak
Het blijft mogelijk dat de politie een gedetineerde in zijn cel aanhoudt. Het blijft ook mogelijk dat de rechter beslist een gedetineerde in voorlopige hechtenis te nemen voor een andere strafzaak.Of voorlopige hechtenis in zo'n geval wenselijk is moet de rechter in elk concreet geval beoordelen.

Het is daarom onjuist om uit deze beschikking van de Hoge Raad af te leiden dat in andere zaken een vordering tot voorlopige hechtenis moet worden afgewezen als de verdachte reeds een gevangenisstraf ondergaat.

Den Haag, 20 november 2008
mw. mr. E. Hartogs, griffier
tel 070-3611236

LJ Nummer

BF0282

Bron: Hoge Raad der Nederlanden Datum actualiteit: 20 november 2008 Naar boven