Partij van de Arbeid

'Beleid topinkomens aanscherpen'

11-12-2008 01:03

De Kamerfracties van PvdA, CDA en CU willen het topinkomensbeleid voor de semi-publieke sector aanscherpen. PvdA-kamerlid Kalma: Eindelijk worden er grenzen gesteld aan de topinkomens in de semi-publieke sector. Maar er kan en moet nog een stap verder gezet worden, en dat gaat nu gebeuren.

Kalma zal daarom samen met CDA en ChristenUnieop 18 december een aantal gezamenlijke moties indienen om het topinkomensbeleid voor de semi-publieke sector aan te scherpen.

Eerder stemde de ministerraad al in met voorstellen van minister Bos om de bestuurssalarissen bij staatsdeelnemingen te verlagen. Kalma: Het kabinet is bezig een trendbreuk op dit terrein te realiseren. Eindelijk worden er grenzen gesteld aan de topinkomens in de semi-publieke sector. Maar er kan en moet nog een stap verder gezet worden, en dat gaat nu gebeuren. We hebben er met veel fractieleden het afgelopen jaar hard aan gewerkt. We zijn erg blij met dit akkoord.

De coalitiepartijen stellen het volgende voor:

Bestuurders woningbouwcorporaties
Een belangrijke onderdeel van het pakket coalitiemoties betreft de beloning van woningcorporatie-bestuurders. Die moet onder het salarismaximum van 175.000 euro worden gebracht. Het gaat, aldus Kalma, om organisaties met een duidelijke publieke taak, die niet aan commerciële concurrentie bloot staan en die ook nog eens van overheidswege verplicht zijn om sober met hun financiële middelen om te gaan. Argumenten voor een beloning boven dat maximum zijn er volgens ons niet. Dat geldt ook voor de gezondheidszorg, zij het dat de coalitie daar ruimte laat voor een uitzondering voor de zwaarste functiegroep. Maar die uitzondering moet dan wel heel dicht tegen het normsalaris aanzitten.

Overheidsdeelnemningen
Op initiatief van de PvdA stellen de coalitiepartijen voor om de netwerkbedrijven Tennet en ProRail en de lokale vervoersbedrijven GVB, RET en HTT eveneens aan het salarismaximum van 130 procent van het ministerssalaris te binden. Van de kant van ChristenUnie werd daar Holland Casino aan toegevoegd. Het betreffen in alle gevallen zogenaamde overheidsdeelnemingen. Kalma prijst het beleid van minister Wouter Bos in deze. Hij bracht veel meer bedrijven die de overheid in eigendom heeft onder het topinkomensbeleid dan de Commissie Dijkstal indertijd adviseerde. En de bestuursvoorzitters van veel bedrijven van de Bank Nederlandse Gemeenten tot de Gasunie - gaan aanzienlijk minder verdienen dan hun voorgangers. Maar voor sommige ondernemingen willen we toch een scherper regime. Daaronder vallen volgens PvdA PvdA, CDA en ChristenUnie ook Schiphol en de Nederlandse Spoorwegen.

Niet alleen bestuurders
Tenslotte willen de coalitiepartijen in de toekomst niet alleen bestuurders (zoals nu gebeurt) maar ook andere gesalarieerden onder het topinkomensbeleid laten vallen. Denk bijvoorbeeld aan interim-managers in de jeugdzorg, die soms bedragen uitgekeerd die in de zorg niet thuishoren, maar ook voor niet-bestuurders in andere sectoren. Kalma: Ronald Plasterk heeft als minister in het kabinet een voortrekkersrol vervuld. Hij heeft niet alleen voor zijn hele beleidsterrein het salaris-maximum van 175.000 euro helpen invoeren, maar ook laten zien dat normering ook mogelijk is op terreinen waar je dat niet verwacht. Presentatoren bij de publieke omroepen aan de Balkenende-norm binden bleek niet haalbaar. Maar Plasterk kwam met een code voor presentatoren met een maximum dat daar maar enkele tienduizenden euros boven zit. En dat soort codes werken, zoals de BBC in Engeland laat zien.

Maximum van 175.000 euro
De PvdA, zo vat Kalma het fractiestandpunt samen, wil in het verlengde van het kabinetsbeleid de topsalarissen bij de overheid en in de semi-publieke sector aan een duidelijk maximum van 175.000 euro binden. Afwijkende sectorale regelingen (codes) moeten door regering en parlement worden goedgekeurd. En ze moeten in hoogte en aantal zo beperkt mogelijk worden gehouden. Alleen zo valt de relatief hoge norminkomen zelf (130 procent van het ministerssalaris; iets boven de twee ton als we de pensioenpremie erbij optellen) te rechtvaardigen.