Gemeente Harenkarspel


Conceptnotitie paardenbakbeleid wordt aangepast

In de commissie Ruimtelijke Zaken van 25 februari jl. heeft een discussie plaatsgevonden over het paardenbakbeleid. Hieruit is naar voren gekomen dat een aantal wijzigingen in het beleid gewenst zijn. Ook is gebleken dat het onderwerp handhaving nadere uitwerking verdient. De gevolgen van de wijzigingen op het beleid en het aspect handhaving dienen nader te worden onderzocht en te worden afgestemd. Om tot een goed beleid te komen is het van belang dat dit zorgvuldig gebeurt.

Het college van burgemeester en wethouders dient nadere advisering eerst te bespreken, alvorens het beleidsvoorstel opnieuw in de gemeenteraad te kunnen brengen. Door de korte tijd tussen commissievergadering en datum van aanlevering van stukken voor de gemeenteraad is het niet mogelijk de behandeling van het paardenbakbeleid in de raadsvergadering van 24 maart te brengen. De behandeling zal daarom plaats moeten vinden in de eerstvolgende raadsvergadering van 12 mei.

Waarom paardenbakkenbeleid?
Bij de gemeente Harenkarspel komen steeds vaker verzoeken binnen voor een paardenbak bij woningen en boerderijen buiten de dorpskernen. Daarin is Harenkarspel niet anders dan andere landelijke gebieden. Ook hier komen huizen in het buitengebied beschikbaar voor mensen die niet aan de agrarische sector gebonden zijn. Er zijn ook meer mensen die een eigen paard hebben en dus is er meer vraag naar particuliere plekken om de paarden te trainen. Het houden van één of meerdere paarden betekent bijna automatisch de behoefte aan een buitenbak (een niet-overdekte paardenbak). De gemeente wil hiervoor beleid maken, om zowel verrommeling van de natuur en het landschap als hinder voor omwonenden zo klein mogelijk te houden.

Tot heden is er geen vastgesteld beleid voor paardenbakken. In de algemene plaatselijke verordening (APV) staat alleen dat: "degene die de zorg heeft voor een dier, moet voorkomen dat dit voor een omwonende of overigens voor de omgeving hinder veroorzaakt". Verder is ook in bestemmingsplan Buitengebied beschreven dat iedereen die een paardenbak wil aanleggen, een bouwvergunning moet aanvragen. Dat geldt ook voor het plaatsen van lichtmasten. Deze voorwaarden zijn te ruim gebleken. Er is een regeling nodig in de bestemmingsplannen waarmee een goede beoordeling van aanvragen, dan wel van paardenbakken die zonder (bouw)aanvraag zijn aangelegd, gemaakt kan worden. Om een consequent beleid te krijgen, is dus een Nota Paardenbakbeleid in de maak.

Het nieuwe beleid is er op gericht dat de komst van paardenbakken aan regels is gebonden. Bijvoorbeeld over de afstand die er moet zijn tot woningen van anderen om stank-, stof-, en horzel-overlast te voorkomen. En over de hoogte van de lichtmast zodat geen lichthinder ontstaat. In de nota wordt nader ingegaan op het verschil tussen hobbymatig en bedrijfsmatig houden van paarden. Er zijn voorwaarden geformuleerd voor het verlenen van vrijstelling ten behoeve van het aanleggen van buitenbakken en daarbij behorende bouwwerken (zoals lichtmasten). Dit beleid gaat ook gebruikt worden om bestaande bakken te toetsen. De regeling dient de natuur- en landschappelijke waarden te ontzien en de kans op hinder voor woningen van anderen zo klein mogelijk te maken. Zoals gemeld zijn er in de commissievergadering van februari reacties vanuit de bevolking gekomen, die ertoe leiden dat de nota wordt nog wordt aangepast voordat de gemeenteraad zich erover zal buigen. De nota Paardenbakbeleid wordt daarom op 12 mei 2009 voor de gemeenteraad ter vaststelling aangeboden.

Het wapen van de gemeente Harenkarspel
Gemeentehuis :
Oostwal 2,
1747 EZ Tuitjenhorn
Postbus 10,
1749 ZG Warmenhuizen
Telefoon 0226-396600