Nivel


Huisartspraktijk groeit uit tot kleine gezondheidszorgorganisatie

huisartspraktijk 23 oktober 2009 | Om de gezondheidszorg in de toekomst toegankelijk en betaalbaar te houden, is een sterke eerstelijnsgezondheidszorg van groot belang. Huisartsen en andere zorgverleners moeten daarom steeds meer gaan samenwerken: in de wijk en in de zorg voor specifieke aandoeningen.

Per 2010 wil de minister van VWS de zorg voor diabetes, COPD, hartfalen en hart- en vaatziekten anders gaan bekostigen. Zorgverleners moeten daarop anticiperen. Voor het ZonMw-programma Op één lijn bracht het NIVEL (Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg) in kaart wat er al is aan samenwerkingsvormen en
-verbanden. Huisartsen, fysiotherapeuten, andere eerstelijns zorgverleners en eerstelijnsorganisaties kunnen bij ZonMw subsidie aanvragen voor samenwerkingsprojecten. NIVEL-afdelingshoofd Dinny de Bakker: Er is een enorme variëteit aan organisatorische samenwerkingsvormen in de eerste lijn. Geen gezondheidscentrum is hetzelfde. In het ene werken veel meer verschillende soorten hulpverleners dan in het andere.

Samenwerking
Er is samenwerking binnen de wijk en daarnaast rond aandoeningen als diabetes of COPD. In de wijk vinden we gezondheidscentra en medische centra waar huisartsen met een apotheker, fysiotherapeuten, diëtiste en gespecialiseerd verpleegkundigen of andere zorgverleners samenwerken, maar ook bijvoorbeeld huisartspraktijken met meerdere huisartsen. Voor de zorg rond een aandoening zoals diabetes, COPD of hartfalen werken huisartsen samen met gespecialiseerd verpleegkundigen en andere zorgverleners in zorggroepen, die vaak ook samenwerken met ziekenhuizen. De Bakker: Tussen deze vormen van samenwerking zit wel een spanningsveld. Ze kunnen op elkaar aansluiten, maar het kan ook versnipperend werken als je voor de chronische zorg ergens anders naartoe moet dan voor bijvoorbeeld een verstuikte enkel.

Schaalvergroting
Er is sprake van schaalvergroting in de eerste lijn op verschillende niveaus. De Bakker: Op ieder van die niveaus is daarmee efficiencywinst te behalen en kan de kwaliteit omhoog, maar de meerwaarde van samenwerking is nauwelijks aan te tonen doordat er zoveel variatie is. Wij pleiten er daarom voor kansrijke ontwikkelingen breder toe te passen, zodat die hun bestaansrecht kunnen bewijzen.