College prefereert huidige tariefstelling rioolheffing


Op verzoek van de gemeenteraad heeft het college van burgemeester en wethouders onderzoek laten uitvoeren naar de mogelijkheden voor het invoeren van een gedifferentieerde rioolheffing.

Het verzwaren van de belasting voor grotere gebruikers gold hierbij als uitgangspunt. De resultaten van het onderzoek geven het college aanleiding om voorkeur te geven aan het hanteren van de huidige tariefstelling. De gemeenteraad neemt op 20 oktober een definitief besluit.

In het coalitieakkoord is de invoering van een gedifferentieerde rioolheffing expliciet opgenomen. Sinds de vaststelling van het Gemeentelijk Rioleringsplan (2013) leefde immers de wens bij het gemeentebestuur voor het hanteren van verschillende tarieven voor het gebruik van het riool.

Het college liet daarop diverse varianten onderzoeken waarvan er uiteindelijk drie voorgelegd worden aan de gemeenteraad. De belangrijkste wijziging voor het hanteren van een gedifferentieerd tarief gebaseerd op gebruik van het riool, is de verschuiving van het belasten van de eigenaar naar de
gebruiker.

Dit heeft belangrijke consequenties voor huurders van woningen en panden. Zij betalen momenteel geen rioolheffing, maar zullen bij een verschuiving wel worden belast. Daarnaast geldt dat wanneer eenpersoonshuishoudens minder hoeven te betalen, voor de overige adressen een verhoging geldt ter
compensatie van de inkomsten. Een combinatie waarbij zowel eigenaren als gebruikers een deel van de rioolheffing betalen, gebaseerd op een vast tarief vermeerderd met het daadwerkelijke gebruik, betekent een zwaardere administratieve last (inclusief kosten), omdat er zo'n 6.0000 extra
aanslagen moeten worden opgelegd.

Deze consequenties zijn voor het college aanleiding hun voorkeur uit te spreken voor het hanteren van de huidige tariefstelling. Hierbij geldt een vast bedrag per object dat geheven wordt van de eigenaar van het object.