Tot zes jaar geeist voor schietpartij op het Haagse Moerbeiplein


28 oktober 2016 - Arrondissementsparket Den Haag

Drie mannen die verdacht worden van betrokkenheid bij een schietpartij aan het Haagse Moerbeiplein op 3 maart 2016, hoorden vandaag celstraffen tot zes jaar tegen zich eisen voor de Haagse rechtbank. De officier van justitie verdenkt hen onder meer van medeplegen poging doodslag.

Die donderdagavond 3 maart rond 20.40 uur leek het even Wild West op het druk bezochte en kinderrijke Moerbeiplein. Een aantal personen stoof een woning uit met twee zwarte sporttassen. Terwijl twee van hen met de tassen in een grijze auto probeerden te stappen, werd er over en weer geschoten.
Hoe vaak precies, daarover verklaart het aanzienlijke aantal getuigen verschillend; ergens tussen de drie en de tien schoten.

Wonderwel werd er niemand op het drukke plein geraakt. Daarna ging de grijze auto er met hoge snelheid vandoor. De inmiddels gealarmeerde politie wist de auto uiteindelijk op de Raamweg tot stoppen te dwingen. Achter het stuur zat een 31-jarige Dordrechter, zijn passagier was een 23-jarige
man zonder vaste woon- of verblijfsplaats. Beiden werden aangehouden.

Dankzij intensief speurwerk kon de politie op 31 mei 2016 nog twee mannen aanhouden: een 31-jarige en een 50-jarige Hagenaar. Uit het onderzoek kwam het beeld naar voren dat beiden actief zijn in de hennephandel en dat in de woning aan het Moerbeiplein een recente oogst verkocht zou worden aan
de 31-jarige Dordrechter en de 23-jarige man zonder vaste woon- of verblijfsplaats. Blijkbaar ontstond er tijdens de transactie onenigheid wat uitliep op een schietpartij.

De officier van justitie neemt het de verdachten zeer kwalijk dat zij in de vroege avond in een drukke, kinderrijke buurt schietend over straat zijn gegaan. Daarbij hebben zij de aanmerkelijke kans aanvaard dat er iemand - ook mogelijk omstanders - getroffen zouden worden. De schietpartij
heeft in de buurt voor grote onrust en gevoelens van onveiligheid gezorgd.

Volgens de officier van justitie is wettig en overtuigend bewezen dat de 31-jarige Dordrechter en de 31-jarige Hagenaar zich schuldig hebben gemaakt aan (mede)plegen van poging doodslag. Van de Dordrechter staat vast dat hij de bestuurder van de grijze auto was, een getuige heeft hem zien
schieten en er zijn kruitresten op zijn handen aangetroffen. De 31-jarige Hagenaar voldoet aan het signalement dat getuigen opgaven van een van de schutters. Op zijn verblijfadres is ook een vuurwapen aangetroffen. De officier van justitie eiste tegen beiden zes jaar cel, ook wegens
vuurwapenbezit en overtreding van de Opiumwet.

Tegen de 23-jarige man zonder vaste woon- of verblijfsplaats eiste de officier twintig maanden cel. Hij zat weliswaar in de grijze auto en ook zijn op zijn handen kruitresten aangetroffen, maar er zijn geen getuigen die hem hebben zien schieten. Daarom vraagt de officier de rechter om een
lagere straf wegens vuurwapenbezit en overtreding van de Opiumwet.

Tegen de 50-jarige Hagenaar (die niet betrokken lijkt bij de schietpartij) eiste de officier acht maanden cel wegens wapenbezit en overtreding van de Opiumwet. In deze zaak deed de rechtbank gelijk uitspraak en legde vier maanden cel waarvan een maand voorwaardelijk op.

De uitspraak in de zaak tegen de andere drie verdachten is over twee weken.

Deel dit op

*