Cold case onderzoek naar dood Larissa Dumont afgerond


8 december 2016 - Arrondissementsparket Den Haag

De voorziening Cold Case en Vermiste Personen van de Eenheid Den Haag heeft in de afgelopen twee jaar onderzoek gedaan naar de dood van Larissa Dumont, die op 27 mei 1997 bij haar woning in Nieuwveen om het leven kwam nadat zij was gaan paardrijden. Dit onderzoek is nu afgerond. Op basis van
de onderzoeksbevindingen concludeert het OM dat er geen sprake is geweest van een misdrijf. Bij het politieonderzoek in 1997 is geconcludeerd dat Larissa was overleden door een beet van haar paard. Deze conclusie is in het huidige onderzoek niet bevestigd. Uit het huidige onderzoek blijkt
volgens het OM wel dat sprake is geweest van een ongeval.

Het onderzoek werd gestart naar aanleiding van een artikel in de Telegraaf van 5 juli 2014 waarin werd geschreven dat Larissa Dumont door een misdrijf om het leven zou zijn gekomen en niet door een paardenbeet zoals in 1997 werd geconcludeerd. Het OM stelt vast dat de dood van de vrouw niet
uitgebreid is onderzocht in 1997. In het huidige onderzoek zijn meerdere getuigen gehoord uit de directe omgeving van het slachtoffer. Daarnaast is het lichaam van Larissa Dumont opgegraven en onderzocht door deskundigen, zowel van het NFI als daarbuiten. Ook zijn de foto's van de plaats van
vinding van destijds opnieuw door deskundigen bestudeerd en is een deskundige geraadpleegd op het gebied van het gedrag van paarden. De conclusies van het OM zijn gebaseerd op alle bevindingen gezamenlijk.

Getuigenverklaringen
Een getuige heeft gezien dat Larissa Dumont op de bewuste avond bezig was met haar paard; deze getuige heeft ook verklaard dat de vriend van het slachtoffer in paniek naar hem toe kwam en dat hij samen met de vriend terug is gegaan en daar het slachtoffer heeft aangetroffen. Een andere getuige
heeft de vriend in paniek naar de buren zien rennen. Een derde getuige verklaart dat de bak waarin Larissa Dumont reed, bestond uit aan elkaar gelaste buizen, waar schroeven en spijkers uitstaken. Een andere getuige stelt dat hij heeft gezien dat er menselijke resten aan een van de spijkers
zaten, een dag na de dood van de vrouw. De verklaringen van deze getuigen bevestigen de verklaringen van de vriend van Larissa, die heeft verklaard dat Larissa 's avonds ging paardrijden en dat hij haar in de bak heeft gevonden nadat hij haar al een tijdje niet meer had gezien en poolshoogte
ging nemen.

In het onderzoek is ook de theorie onderzocht of het paard kan zijn geschrokken van helikopters, aangezien een van de getuigen verklaarde dat er die bewuste avond drie helikopters over de woning van Larissa Dumont waren gevlogen. Uit het onderzoek blijkt dat er die avond inderdaad drie
helikopters vlogen van Schiphol naar Den Haag, maar het is niet meer na te gaan of deze daadwerkelijk over Nieuwveen zijn gevlogen.

In het krantenartikel werd geconcludeerd op basis van de schoenen die het slachtoffer had gedragen, dat zij niet kan zijn gaan paardrijden: een ervaren paardrijdster als zij zou immers nooit met sportschoenen met daaraan sporen gaan rijden. Een getuige verklaart echter dat zij het slachtoffer
al meerdere keren had gewaarschuwd niet te rijden met deze schoenen omdat het gevaarlijk was. Naast deze verklaring blijkt ook uit het sporenbeeld dat het slachtoffer die avond wel degelijk heeft gereden met sportschoenen met daaraan sporen. Op basis van het sporenbeeld zijn deze sportschoenen
aan te wijzen als een van de factoren die heeft bijgedragen aan het ongeval: aannemelijk is dat Larissa Dumont met haar linkervoet door de beugel is geschoten en (voor korte of langere tijd) vast is komen te zitten.

Opgraving lichaam
Voor nader onderzoek is het lichaam van Larissa Dumont opgegraven. Er is onderzocht of er beschadigingen waren in het botweefsel en of die beschadigingen door een mes of paardenbeet konden zijn veroorzaakt. De arts-forensisch antropoloog heeft op het onderzochte botweefsel beschadigingen
waargenomen, maar hij concludeert dat deze niet passen bij beschadigingen zoals kunnen worden gemaakt door een paardengebit of een mes . Gelet op de ernst van het letsel is te verwachten dat een mes of ander wapen sporen op het botweefsel zou hebben achtergelaten. De arts-forensisch
antropoloog ziet wel beschadigingen in het bot die met kracht moeten zijn veroorzaakt. Deze beschadigingen zouden kunnen zijn ontstaan bij een val tegen bijvoorbeeld een muur of paal.

Een forensisch arts heeft geconcludeerd dat de verwondingen aan de hals van het slachtoffer scheurletsels zijn. Mogelijk zijn deze ontstaan nadat een relatief kleine wond is uitgescheurd. Deze relatief kleine wond zou ontstaan kunnen zijn doordat Larissa Dumont, voor- of nadat zij met haar
voet door de beugel is geschoten, met haar hoofd tegen de door de getuige genoemde spijker is gestoten. Het geconstateerde scheurletsel zou vervolgens kunnen zijn ontstaan door de dynamiek van een gewonde amazone op een nog lopend paard.
De conclusie van het OM luidt dan ook dat er in het geheel geen aanwijzingen zijn voor een misdrijf. De nabestaanden zijn op de hoogte gebracht van de resultaten van het onderzoek.

Deel dit op

*