Wetswijziging Elektriciteitswet en Gaswet: voorrang voor duurzame elektriciteit

Minister Maria van der Hoeven van Economische Zaken heeft een wetsvoorstel tot wijziging van de Elektriciteitswet en de Gaswet naar de Tweede kamer gestuurd. Het wetsvoorstel omvat een breed palet aan aanpassingen van de beide wetten. De belangrijkste onderwerpen zijn:

1. Voorrang voor duurzame elektriciteit op het net. Netbeheerders worden verplicht om duurzaam opgewekte elektriciteit met voorrang over de netten te transporteren. Elektriciteit uit niet-duurzame bronnen moet voorrang verlenen en wordt daartoe bij congestie teruggeregeld. De toegang van duurzame elektriciteit tot het net moet altijd gewaarborgd zijn. Ook worden in dit verband maatregelen getroffen om samenwerking tussen netbeheerders te verbeteren.


2. Verbetering van de werking van de gasmarkt. Het gaat er daarbij onder meer om één binnenlandse gasmarkt te creëren in plaats van de huidige deelmarkten voor hoogcalorisch en laagcalorisch gas. Ook worden wettelijke maatregelen getroffen die maken dat een koper van gas zelf kan bepalen wat ermee gebeurt, verbruiken of doorverkopen. Deze maatregelen hangen mede samen met de ambitie van de minister om Nederland tot de gasrotonde van Noordwest Europa te maken. Verhandelbaarheid en een liquide markt zijn daarvoor voorwaarden.


3. Meer zekerheid voor netbeheerders ten behoeve van uitbreidingsinvesteringen. Kernpunt is dat als nut en noodzaak van een uitbreidingsinvestering zijn vastgesteld de netbeheerder de zekerheid krijgt dat de investering zal worden doorberekend in de (door de Energiekamer van de NMa vastgestelde) tarieven. De minister van Economische Zaken beslist over nut en noodzaak van alle uitbreidingsinvesteringen van landelijke netbeheerders (TenneT en Gasunie). De NMa besluit over nut en noodzaak van uitbreidingsinvesteringen door regionale netbeheerders, maar kan daarbij de minister om advies vragen.


4. De NMa krijgt de bevoegdheid om aan het begin van een reguleringsperiode de tarieven in één keer aan te passen naar het vastgestelde efficiënte kostenniveau als de NMa van mening is dat de tarieven daar teveel van afwijken. De minister van Economische Zaken moet toestemming geven voor het uitoefenen van deze bevoegdheid door de NMa.