Kamerbrief inzake de geannoteerde agenda van de Raad Buitenlandse Zaken van 26 juli 2010

Graag bied ik u hierbij aan de geannoteerde agenda van de Raad Buitenlandse Zaken van 26 juli 2010.

De Minister van Buitenlandse Zaken,

Drs. M.J.M. Verhagen

G eannoteerde agenda van de Raad Buitenlandse Zaken van 26 juli 2010

Soedan

Bespreking van de situatie in Soedan was voorzien voor de Raadsbijeenkomst van juni, maar kon toen geen doorgang vinden. De Raad zal spreken over de prioriteiten van de EU voor Soedan in de komende periode, die in het teken zal staan van de aanloop naar het zelfbeschikkingsreferendum voor Zuid-Soedan, dat is voorzien in januari 2011. Een goede voorbereiding door alle betrokken partijen is cruciaal. Nederland dringt aan op een goede en spoedige afronding van het Comprehensive Peace Agreement, door het maken van concrete afspraken tussen partijen over uitstaande knelpunten, zoals grensafbakening, welvaartsdeling en controle over natuurlijke hulpbronnen. Tevens moeten de lessen die zijn geleerd uit het verkiezingsproces worden toegepast op de organisatie van het referendum. Transparantie en heldere afspraken ten aanzien van onder andere het registratie- en identificatieproces zijn van groot belang om de geloofwaardigheid en daarmee het draagvlak voor de uitkomst van het referendum te kunnen garanderen. Nederland pleit voor het spoedig uitsturen van een nieuwe EU-waarnemingsmissie teneinde ook zicht te houden op het registratie- en identificatieproces.

Partijen zullen zich moeten voorbereiden op de transitie naar een nieuwe situatie. De VN zal hierin een belangrijke rol spelen. De VN-vredesmissie UNMIS is door de Veiligheidsraad verzocht om brede steun te verlenen aan de voorbereidingen van het referendum, met speciale aandacht voor veiligheidsregelingen. De bescherming van de burgerbevolking heeft een hogere prioriteit gekregen in het recent verlengde UNMIS mandaat.

De verwachting is dat de nieuwe regering van Soedan in aanloop naar het referendum voortgang zal willen boeken in het Darfur vredesproces om zich volledig te kunnen richten op Zuid-Soedan. De internationale gemeenschap dient druk op Soedan te houden om inclusieve vredesbesprekingen in Doha spoedig te laten plaatsvinden. Nederland zal hier in de Raad ook voor pleiten.De regering is bezorgd over de verslechterde humanitaire en veiligheidssituatie in Darfur. Zij is voorstander van een krachtig EU signaal richting de strijdende partijen om het geweld te veroordelen, op te roepen tot het verlenen van humanitaire toegang voor VN en NGO’s en het faciliteren van directe terugkeer van ontheemden.

De Kamer van Vooronderzoek van het Internationaal Strafhof heeft op 12 juli jl. besloten om de Soedanese president al-Bashir ook te gaan vervolgen wegens genocide. Het arrestatiebevel dat hiertoe is uitgevaardigd komt naast het al bestaande arrestatiebevel te liggen wegens oorlogsmisdrijven en misdrijven tegen de menselijkheid. Nederland maakt zich binnen de EU sterk voor blijvende druk op Soedan en de overige partijen bij het conflict in Darfur om in overeenstemming met resolutie 1593 van de VNVR samen te werken met het Internationale Strafhof.

Iran

Voortbouwend op de verklaring van de Europese Raad van 17 juni jl. zal de Raad een besluit nemen over het instellen van additionele sancties tegen Iran. Dit betreft zowel de implementatie van de VNVR-resolutie terzake die op 9 juni 2010 werd aangenomen, als het instellen van aanvullende Europese maatregelen.

De regering onderstreept de noodzaak om als EU aanvullende maatregelen te nemen naast de bepalingen in de VNVR-resolutie. De Unie is een belangrijke handelspartner van Iran en heeft zo een hefboom om additionele druk op de Iraanse regering uit te oefenen om haar te bewegen te voldoen aan de VNVR- en IAEA-verplichtingen ten aanzien van haar nucleaire programma. De EU dient dit leiderschap ook te tonen. Met de additionele maatregelen versterkt de EU het effect van de VNVR-resolutie door gebruik te maken van de aard van haar betrekkingen met Iran.

Additionele maatregelen zullen onder meer worden genomen in de handelssector, met uitbreiding van de door de VNVR opgelegde handelsrestricties met bepaalde categorieën goederen, en in de olie en gassector op het gebied van investeringen en technologieoverdracht. De EU streeft ook naar additionele maatregelen in de financiële sector, waaronder bevriezing van tegoeden en strenger toezicht op het betalingsverkeer met Iran. Ook wordt gesproken over aanvullende sancties in de transportsector, onder meer ten aanzien van vrachtvluchten uit Iran en schepen van de Iraanse reder IRISL, en worden verdere maatregelen voorbereid tegen specifieke personen en entiteiten.

Nederland zet bij de onderhandelingen in op krachtige en effectieve maatregelen, gericht op het Iraanse leiderschap. De maatregelen dienen de bevolking zoveel mogelijk te ontzien en dienen ruimte te laten voor reguliere handel met Iran. De Nederlandse regering blijft benadrukken dat de sancties worden ingesteld omdat Iran blijft weigeren op constructieve wijze met de internationale gemeenschap in dialoog te treden over hun nucleaire programma. Conform het tweesporenbeleid blijft de uitnodiging voor diplomatieke dialoog openstaan. HV Ashton heeft ook onlangs Iran weer uitgenodigd gehoor te geven aan deze uitnodiging.

Nederland zal verder opnieuw aandacht vragen voor de voortdurende mensenrechtenschendingen in Iran. In het kader van de Raadsverklaring van 22 maart jl. en ter uitwerking van Nederlandse voorstellen voor maatregelen gericht tegen internetcensuur, hebben Nederland en Frankrijk op 8 juli jl. in Parijs een bijeenkomst georganiseerd waar met experts van andere landen uit alle werelddelen, internationale organisaties en instellingen, maatschappelijke organisaties, NGO’s, ICT-bedrijven en wetenschappers gesproken is over de wereldwijde bevordering van internetvrijheid. De bijeenkomst vormde het begin van de zogenaamde Leading GroupInternetvrijheid. Zowel minister Verhagen als zijn Franse collega Kouchner namen aan de bijeenkomst deel. Beiden benadrukten het belang van de vrijheid van meningsuiting - deze geldt overal, dus ook op het internet.

Tijdens de bijeenkomst is onder meer het initiatief voor een internationale gedragscode voor bedrijven aan de orde gekomen, waarbij door vrijwel alle deelnemers werd benadrukt dat bestaande instrumenten en codes als basis moeten worden gebruikt. Verder is aandacht besteed aan de juridische inbedding van internetvrijheid, monitoring van internetcensuur en ondersteuning van mensenrechtenverdedigers bij hun gebruik van internet. Komend najaar zal op ministerieel niveau een bijeenkomst over dit onderwerp worden georganiseerd in Parijs, met nog voor eind 2010 een vervolgconferentie in Nederland.

Gaza/MOVP (Midden-Oosten Vredesproces)

De ministers zullen spreken over de stand van zaken met betrekking tot Gaza en het Midden-Oosten Vredesproces (MOVP). HV Ashton zal verslag doen van haar reis naar de regio, voorzien in de periode 17 - 19 juli. Gaza zal tijdens haar reis een belangrijk gespreksonderwerp zijn. Zij zal het gebied waarschijnlijk ook bezoeken. Mede op basis van haar bevindingen zullen de ministers spreken over de ondersteuning die de EU kan bieden aan de verruimde toegang tot Gaza voor goederen en personen, volgend op de versoepeling van het grensverkeer waartoe Israel onlangs heeft besloten. Hierbij zal onder andere worden gekeken naar de toekomstige invulling van de EUBAM Rafah-missie en mogelijke uitbreiding daarvan naar andere grensovergangen.

Daarnaast zal de Raad zich buigen over de ontwikkelingen in het MOVP na de recente bezoeken van premier Netanyahu en van president Abbas aan de Verenigde Staten. President Obama heeft zich positief uitgelaten over de versoepeling van de blokkade in Gaza en andere Israëlische maatregelen die bijdragen aan het creëren van ruimte voor onderhandelingen tussen Israël en de Palestijnen. President Abbas heeft in contacten met het Joodse maatschappelijke middenveld benadrukt dat de Palestijnse Autoriteit een geloofwaardige partner voor vrede is. President Obama sprak zijn waardering uit voor de inspanningen van president Abbas om de kwaliteit en effectiviteit van het Palestijnse bestuur te verbeteren.

De regering is van mening dat de EU in nauwe samenspraak met de VS actief moet bijdragen aan het dichterbij brengen van directe onderhandelingen tussen partijen. Nederland steunt alle initiatieven die de EU kan nemen om het MOVP een impuls te geven, waaronder ook initiatieven die bijdragen aan het normaliseren van het grensverkeer van en naar Gaza, bijvoorbeeld via concrete hulp bij grens- en goederencontrole.

S trategische partners: EU-India en EU-Brazilië

Verwezen zij naar de paragraaf (in de geannoteerde agenda voor de Raad Algemene Zaken) over de voorbereiding van de Europese Raad in september. Met inachtneming van het daar gestelde, steunt Nederland het streven van de EU om tot een versterkte strategische relatie te komen met India en Brazilië. Ondanks de intensieve reguliere contacten van de EU, zijn er nog veel mogelijkheden om India en Brazilië verder te engageren. Voor beide landen geldt dat, gelet op de gedeelde waarden en gemeenschappelijke belangen, het potentieel van strategische samenwerking met de EU aanzienlijk is. De EU zal zich ervoor moeten blijven inspannen dat ook India en Brazilië hun verantwoordelijkheid nemen voor het effectief oplossen van internationale vraagstukken zoals klimaat, handel, alsmede vrede en veiligheid.

EU-Georgië

Dit agendapunt, dat is doorgeschoven van de Raad van juni jongstleden, biedt gelegenheid om te spreken over de resultaten van de lokale verkiezingen in Georgië op 30 mei jl. en de bevindingen van de ODIHR-verkiezingswaarnemers. Ook andere onderwerpen zullen aan de orde kunnen komen, zoals de start op 15 juli jl. van onderhandelingen voor een nieuw Associatieakkoord, de voorwaarden voor onderhandelingen voor een nieuw vrijhandelsakkoord, ontwikkelingen op het gebied van mensenrechten en democratisering, veiligheidsgerelateerde ontwikkelingen ten aanzien van de afvallige gebieden en de Europese waarnemingsmissie EUMM. De Raad is voornemens te besluiten het mandaat van EUMM met een jaar te verlengen tot 14 september 2011.

De regering is van mening dat blijvende Europese betrokkenheid bij Georgië van groot belang is, mede ter bestendiging van de stabiliteit in de Kaukasus. De Europese waarnemingsmissie EUMM speelt hierbij een belangrijke rol. De EU moet de territoriale integriteit van Georgië en het vredesproces zoals gevoerd in Genève blijven steunen. De regering steunt onderhandelingen over een nieuw en veelomvattend associatieakkoord met Georgië, net als met de buurlanden Armenië en Azerbeidzjan.

Kirgizië

De Raad zal spreken over de gevolgen van het etnisch geweld in juni jl. in de steden Osh en Jalalabad in zuid-Kirgizië. De beheersing en oplossing van dit conflict zal een proces van verzoening, wederopbouw en democratisering vergen, in nauwe samenwerking met Kirgizische autoriteiten, vertegenwoordigers van minderheden en landen in de regio. Gezien de beperkte presentie en belangen van de EU in de regio ligt een vooraanstaande rol van de EU in het beheersen van de politieke crisis volgens Nederland niet voor de hand. De OVSE is vanwege haar presentie, expertise en mandaat het eerst aangewezen forum om vorm te geven aan de betrokkenheid van de internationale gemeenschap bij crisisbeheersing in Kirgizië. In OVSE-kader wordt thans overleg gevoerd over mogelijke ontplooiing van een internationale politiemissie, ter ondersteuning van de Kirgizische politie, en een internationaal onderzoek naar de crisis, in aanvulling op een nationaal onderzoek door de Kirgizische autoriteiten, onder leiding van de Speciale Vertegenwoordiger voor Centraal-Azië van de Parlementaire Assemblee van de OVSE, de Fin Kimmo Kiljunen.

Balkan (Kosovo/Bosnië)

De Raad zal mogelijk spreken over de situatie in Kosovo. Op korte termijn, mogelijk net voor de komende Raadsbijeenkomst, zal het Internationaal Gerechtshof zich uitspreken over de legaliteit van de onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo. Het is de verwachting dat de uitspraak zal nopen tot een nieuwe dialoog tussen Belgrado en Pristina, teneinde te komen tot een modus vivendi. De inzet is daarbij, wat Nederland en de andere erkenners van Kosovo betreft, dat deze dialoog niet over de status van Kosovo gaat, maar over praktische oplossingen. Recente geweldsincidenten in Noord-Kosovo onderstrepen het belang hiervan.

De Raad zal naar verwachting ook spreken over de toekomstige strategie van de EU in Bosnië-Herzegovina (BiH). Sommige lidstaten wensen het kantoor van de Hoge Vertegenwoordiger (OHR) zo snel mogelijk na de verkiezingen van 3 oktober 2010 te sluiten Voor Nederland is sluiting pas mogelijk nadat is voldaan aan de hiervoor gestelde conditionaliteit (de zogeheten “5+2”) 1 . Het huidige politieke klimaat, met name in aanloop naar de verkiezingen, belemmert noodzakelijke hervormingen die de bestuurbaarheid van het land zouden verbeteren en de Euro-Atlantische integratie zouden bevorderen.

EU-Afrika

Op verzoek van Portugal is de relatie EU-Afrika aan de agenda van de RBZ toegevoegd. Daarmee zal een eerste gedachtewisseling op Raadsniveau plaatsvinden over de voorbereiding van de 3eEU-Afrika Top die op 29 en 30 november 2010 in Sirte, Libië is voorzien. De Top moet onder andere resulteren in een verdere operationalisering van het in 2007 tot stand gekomen strategische partnerschap tussen de EU en Afrika. Nederland zet in op bespreking van een beperkt aantal globale thema’s waar de EU en Afrika op basis van een gezamenlijke visie realistische doelstellingen kunnen ontwikkelen.

1 1)verdeling van staatseigendom (onroerend goed); 2) oplossing voor defensiebezittingen (wapens/munitie en onroerend goed); 3) duurzame regeling voor de status van Brcko; 4) akkoord over verdeling van de belastingsinkomsten; 5) werkende rechtstaat. Tevens zijn ondertekening van de Stabilisatie en Associatieovereenkomst en een positieve beoordeling van de situatie in Bosnië door de PIC Steering Board noodzakelijk voordat OHR kan worden gesloten.