Meer nodig voor toekomst huisartsenzorg

Minister Bruno Bruins voor Medische Zorg en Sport gaat begin 2019 met de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) bespreken hoe het vak van huisarts aantrekkelijker kan worden gemaakt. Uit een gezamenlijk onderzoek blijkt dat de komende jaren knelpunten zijn te verwachten tussen vraag een aanbod van deze zorg in verschillende regio’s.

In het onderzoek is gekeken naar: de ontwikkeling van vraag en aanbod van huisartsenzorg in verschillende gebieden van Nederland. Naar bepalende factoren voor huisartsen om wel of juist niet in een bepaald gebied te willen werken en welke oplossingsrichtingen kunnen bijdragen aan een beter evenwicht tussen vraag en aanbod.

Belangrijkste conclusies
De onderzoekers concluderen dat de werkdruk en werklast over het algemeen als hoog wordt beoordeeld. Praktijken in vijf van de achtentwintig arbeidsmarktregio’s (Zeeland, Achterhoek, Drenthe, Drechtsteden en Noord-Holland Noord) verwachten vaker dan gemiddeld tekorten aan huisartsen, doktersassistenten en praktijkondersteuners. Dit zijn regio’s met een relatief snel vergrijzende bevolking, in combinatie met een relatief hoge uitstroom van huisartsen die richting pensioen gaan en een relatief lage instroom van jonge huisartsen.

Voor startende huisartsen om wel of juist niet in een bepaald gebied of bepaalde praktijk te willen werken, zijn met name van belang: de (carrière)mogelijkheden en voorzieningen voor de partner/het gezin, de nabijheid van familie en een gezonde werk-privébalans met mogelijkheid tot parttime werken. Het onderzoek laat verder zien dat starters het momenteel niet aantrekkelijk vinden een eigen praktijk te beginnen.

Minister Bruno Bruins: “Ik vind het belangrijk dat huisartsen goed hun werk kunnen doen, met voldoende tijd voor de patiënt. Over een aantal aanbevelingen uit het onderzoek zijn al afspraken gemaakt. Sinds een aantal jaren leiden we al extra mensen op; huisartsen, Verpleegkundig Specialisten en Physician Assistants. De LHV zet zich in om de beschikbare opleidingsplekken voor huisartsen goed te spreiden over het land. De ervaren regeldruk en personeelstekorten in de zorg worden aangepakt. Maar er moet echt een tandje bij om de huisartsenzorg goed en toegankelijk te houden voor de toekomst. Daar biedt het onderzoek mogelijke oplossingen voor waar ik snel over in gesprek wil”.

Oplossingsrichting
De onderzoekers geven aan dat oplossingen per regio kunnen verschillen afhankelijk van de specifieke situatie. Regioprofielen zijn dan van belang voor een goede (combinatie) van mogelijke oplossingen. Naast reeds in gang gezette oplossingen zoals meer opleiden, een verdergaande taakherschikking en terugdringen van de administratieve lasten doen de onderzoekers de volgende aanbevelingen:

  • De beschreven trends als input laten dienen voor de landelijke raming en het instroomadvies van het Capaciteitsorgaan, onder meer gezien de voorkeur voor parttime werken.
  • Het aanpassen van de huidige allocatie- en beloningsstructuur van de avond-, nacht- en weekenddiensten.
  • Het (vroegtijdig) kennis laten maken van huisartsen met gebieden waar komende jaren tekorten worden verwacht en het bieden van mogelijkheden voor de partner en gezin.