Miljoenennota 2007: begrotingsoverschot 0,2 % BBP

In 2007 wordt voor het eerst sinds 2001 uitgegaan van een begrotingsoverschot. Het EMU-saldo komt in 2007 uit op 0,2 procent BBP. Het kabinet geeft in de begroting 2007 prioriteit aan verdere verbetering van de economische structuur, de koopkracht, de veiligheid en het jeugdbeleid.

De Nederlandse economie

De aantrekkende economische groei - volgend jaar wordt een economische groei verwacht van 3 procent BBP - is gunstig voor burgers en bedrijven. Het economische herstel biedt meer mensen meer kansen op de arbeidsmarkt.

In 2007 neemt het aantal banen in arbeidsjaren volgens de prognoses van het CPB met 104 duizend toe. De werkloosheid daalt in 2007 naar verwachting verder met 55 duizend personen. Mensen die opnieuw of voor het eerst een baan vinden zien hun inkomen sterk groeien. Voor mensen die werk vinden vanuit een uitkering betekent het een gemiddelde stijging van de koopkracht van circa 15 procent, nu de economie zo'n krachtig herstel laat zien.

De inflatie in Nederland blijft laag: Het CPB rekent voor 2007 met een inflatiepercentage van 1 ½ procent. In 2007 zal de particuliere consumptie naar verwachting toenemen met 2 procent ten opzichte van 2006. De aantrekkende economie leidt in 2007 tot een grotere bestedingsruimte van burgers. De loonstijging zal met 2 procent naar verwachting iets hoger zijn dan in voorgaande jaren.

Overheidsfinanciën

De overheidsfinanciën hebben zich hersteld van het dieptepunt in 2003. Voor 2007 wordt een EMU-saldo van 0,2 procent BBP verwacht. Het komt daarmee gunstiger uit dan verwacht in de eerste miljoenennota van het kabinet Bal kenende II, toen er gerekend werd met een saldo van - 0,6 procent BBP in 2007. Nederland scoort op dit punt beduidend beter dan gemiddeld in het Eurogebied. De goede uitgangspositie voor 2007 is voor een belangrijk deel te danken aan het hervormingsbeleid van de afgelopen jaren.

Een andere belangrijke doelstelling van het gevoerde begrotingsbeleid is het verbeteren van het structurele overheidssaldo. Concrete ambitie was een structureel tekort van maximaal 0,5 procent BBP in 2007. Naar verwachting bedraagt het structurele saldo 0,0 procent BBP in 2007.

Liep de schuldquote de afgelopen jaren steeds verder op, vanaf 2006 is er een kentering zichtbaar.

De Miljoenennota 2004 stelt dat de EMU-schuldquote 'richting 50 procent BBP' moet afnemen. De verwachte schuldquote bedraagt in 2007 48 procent BBP. Dit is het gunstigste niveau sinds 25 jaar en ruim 10 procent onder het Europese gemiddelde. De daling van de schuldquote komt onder meer door de gestegen economische groei en de verbetering van het EMU-saldo.

Het economische herstel, het gevoerde hervormingsbeleid, de beleidskeuzes en een aantal technische factoren maken dat het kabinet in 2007 een bescheiden ruimte onder het uitgavenkader kan hanteren. Deze ruimte - 0,3 miljard euro - wordt niet gebruikt nu de economie op volle toeren draait. In het kabinet zijn afspraken gemaakt over dit soort uitgavenmeevallers die niet aangewend dienen te worden.

Koopkracht burgers

Voor het jaar 2007 bieden onder meer de verminderde EU-afdrachten mogelijkheden voor verdere koopkrachtondersteuning. Een belangrijk deel van de lastenverlichting voor burgers gebeurt door het verlagen van de werkloosheidspremie. Ook worden de arbeidskorting en de aanvullende combinatiekorting verhoogd. Deze maatregelen zijn gunstig voor werkenden. Ouders profiteren van de verlaagde ouderbijdrage voor de kinderopvang en van een hogere kinderbijslag. De koopkracht van ouderen wordt ondersteund door het verhogen van de AOW-toeslag. Iedereen profiteert van de verlaging van het belastingtarief in de eerste schijf en de verhoging van de algemene heffingskorting. Resultaat van de maatregelen is dat over de hele linie huishoudens er circa 1 procent in koopkracht op vooruit gaan.

Economische structuur en ondernemingsklimaat

Met het verlagen van het tarief voor de Vennootschapsbelasting (Vpb) zoals voorgesteld in "Werken aan Winst" draagt het kabinet bij aan een aantrekkelijk en concurrerend ondernemingsklimaat, zowel voor grote ondernemingen als voor middelgrote en kleine bedrijven.

Daarom wordt in 2007 het Vpb-tarief verlaagd van 29,1 procent naar 25,5 procent. Parallel aan deze verlaging krijgen ondernemers van wie de winst in de inkomstenbelasting valt, een MKB-winstvrijstelling van 10 procent.

Behalve door de Vpb-tariefsverlaging en de MKB- winstvrijstelling wordt de economische structuur ook versterkt door de verdeling van het extra geld uit het Fonds Economische Structuurversterking. Uit de stijgende aardgasbaten zal de komende jaren 1,9 miljard euro via het FES ten gunste komen van projecten voor kennis, onderwijs en innovatie, ruimtelijk economische ontwikkeling en versnelling infrastructuur.

FES-investeringen totaal euro 1,9 miljard
Kennis/Innovatie/Onderwijs euro 0,8 miljard
Ruimtelijk economische investeringen euro 0,4 miljard
Versnelling infrastructuur euro 0,7 miljard

De economische structuur wordt verder versterkt door een vermindering van de administratieve lasten. Het kabinet pakt in 2007 overbodige of onnodig gecompli ceerde wet- en regelgeving verder aan: er worden stappen ondernomen het aantal vergunningen met 1 miljoen omlaag te brengen. Zo wordt een aantal omgevingsvergunningen samengevoegd tot één en worden toezichthoudende instanties en inspecties samengebracht in één loket. Verwacht wordt dat in de loop van 2007 de doelstelling van het kabinet Balkenende II (25 procent minder administratieve lasten, een besparing van 4 miljard euro) wordt gehaald.

Tien maatregelen in 2007

  • Aan de uitgavenkant van de Rijksbegroting trekt het kabinet in 2007 extra geld uit voor uitbreiding van bestaand beleid en voor tegenvallende uitgaven. Het geld wordt onder meer ingezet op het terrein van kinderopvang, politietaken, inburgering, TBS, jeugd-TBS, cameratoezicht, vreemdelingenpolitie, verpleeghuizen, infectieziekten, waterveiligheid, glastuinbouw, scheepsbouw, visserij, milieu en onderwijs.
  • De lastenverlichting bedraagt in 2007 per saldo 1 miljard euro. Deze lastenverlichting is evenredig verdeeld over burgers en bedrijven.
  • Om de koopkracht van iedereen en van sommige groepen in het bijzonder te verbeteren neemt het kabinet een reeks van maatregelen. Onder meer:
  • De ouderbijdrage voor de kinderopvang wordt voor 125 miljoen euro verlaagd en de kinderbijslag wordt met 125 miljoen euro verhoogd.
  • De werkgeversbijdrage kinderopvang wordt verplicht gesteld.
  • Verlaging tarief 1e schijf met 0,50 procent en verlaging tarief 2e schijf met 0,05 procent.
  • De WW-premie wordt met 1,35 procent verlaagd. Dat levert een modaal gezin een voordeel op van 200 €.
  • De AOW/ANW tegemoetkoming wordt verhoogd met 48 € per persoon.
  • De kosten die meetellen voor de premieberekening in de zorg worden gedrukt zodat de zorgpremie beperkt hoeft te stijgen.
  • Het afnemerstarief MEP verdwijnt in 2007 definitief van de energierekening. Het scheelt huishoudens 52 € op jaarbasis.
Rijksinkomsten totaal euro 157, 5 miljard
Kostprijsverhogende belastingen
Omzetbelasting (BTW) euro 42,4 miljard
Accijnzen euro 9,7 miljard
Belastingen van rechtsverkeer euro 5,5 miljard
Belastingen op milieugrondslag euro 4,7 miljard
Belastingen op Personenauto's en Motorrijwielen (BMP) euro 3,6 miljard
Motorrijtuigenbelasting euro 2,9 miljard
Invoerrechten euro 1,9 miljard
Verbruiksbelasting op alcoholvrije dranken en andere producten euro 0,1 miljard
Belasting op zware motorrijtuigen euro 0,1 miljard
Belasting op inkomen, winst en vermogen
Loon- en inkomstenbelasting euro 38,6 miljard
Vennootschapsbelasting euro 16,5 miljard
Dividendbelasting euro 2,8 miljard
Successierechten euro 1,7 miljard
Kansspelbelasting euro 0,2 miljard
Niet belastingontvangsten euro 26, 6
waarvan gasbaten euro 10,1 miljard
Rijksuitgaven totaal euro 156,8 miljard
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap euro 28,9 miljard
Sociale Zaken en Werkgelegenheid euro 27,0 miljard
Gemeente- en Provinciefonds euro 15,8 miljard
Nationale schuld (rente en leningen) euro 13,8 miljard
Volksgezondheid, Welzijn en Sport euro 13,6 miljard
Buitenlandse Zaken,/Internationale samenwerking/EU euro 11,7 miljard
Verkeer en Waterstaat/FES en Infrastructuurfonds euro 8,7 miljard
Defensie euro 7,9 miljard
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties euro 6,4 miljard
Justitie/Vreemdelingenzaken en Integratie euro 5,9 miljard
Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer euro 4,0 miljard
Financiën euro 3,9 miljard
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit euro 2,1 miljard
Economische Zaken euro 1,6 miljard
Diversen euro 5 miljard

Uitgaven en Inkomsten collectieve sector 2007
Het Rijk, de Sociale Zekerheid en Zorg samen noemen we de collectieve sector

Uitgaven totaal euro 205,7 miljard
Rijk euro 101,5 miljard
Sociale Zekerheid euro 58,4 miljard
Zorg euro 45,7 miljard
Inkomsten totaal euro 204,4 miljard
Belastingen euro 130,9miljard
Premies euro 73,5 miljard