Stef Blok coördineert sancties tegen Rusland: ‘Beelden uit Oekraïne motiveren mij extra’

Oud-minister Stef Blok is nu een week aan de slag met de coördinatie van de Nederlandse sancties tegen het Rusland van president Poetin. Waar loopt hij tegenaan? En wat doet de Nationaal Coördinator Sanctienaleving en Handhaving eigenlijk? We vragen het Stef Blok zelf.

Stef Blok, Nationaal Coördinator Sanctienaleving en Handhaving bij \Buitenlandse Zaken.
Stef Blok is 4 april benoemd tot Nationaal Coördinator Sanctienaleving en Handhaving bij het ministerie van Buitenlandse Zaken.

Minister Hoekstra zei in de Tweede Kamer dat u een vakantie heeft afgezegd voor deze functie. Waarom wilt u dit eigenlijk doen?

‘Net als heel veel Nederlanders kijk ik ook gewoon televisie en zie de vreselijke beelden uit Oekraïne. Dat doet wat met je. En laten we eerlijk zijn, daarin ben ik absoluut niet de enige. Heel veel Nederlanders zetten zich in voor Oekraïne, omdat ze net als ik geschokt zijn door de dramatische beelden die dagelijks binnenkomen.
 
Als sanctiecoördinator kan ik eraan bijdragen dat de Russen voelen wat ze hebben aangericht. Dat motiveert mij extra. Ik ken de betrokken ministeries goed en als oud-bankier ben ik financieel onderlegd. Dus dan moet je van goeden huize komen om nee te zeggen als je wordt gevraagd.’

Hoe ziet uw werkdag als sanctiecoördinator eruit?

‘Er zijn veel vragen en zorgen over de sanctieoplegging. Daarom zit ik met mijn team elke dag om tafel met de betrokken toezichthouders en ministeries.

Wanneer nodig overleg ik rechtstreeks met de verantwoordelijke ministers.
 
Maar ik spreek juist ook veel met betrokken organisaties buiten de overheid: banken, notarissen, advocaten en trustbedrijven. Van hen hoor ik waar ze tegenaan lopen als ze sancties willen uitvoeren. Die kennis is belangrijk om de sancties nog effectiever te maken.’

U bent iets meer dan een week bezig. Wat is u opgevallen?

‘Ook bij het bedrijfsleven merk ik een grote bereidwilligheid om aan de sancties mee te werken. Net als iedereen zien zij de beelden uit Oekraïne en willen hun steentje bijdragen, ook al is het gedoe en kost het geld.
 
Maar ondernemers en financiële instellingen lopen tegen veel praktische vragen aan. Een voorbeeld is de Europese lijst met namen van gesanctioneerde bedrijven en personen. De mensen op die lijst zijn heel vaak eigenaar via een baaierd aan tussen-bv’s.
 
Het kan gebeuren dat iemand voor nog geen 5% eigenaar is van een bedrijf, maar toch beslist wat er gebeurt. Dus hoe kom je er precies achter wie de echte eigenaar is? Dit vergt veel uitzoekwerk. Een probleem waar alle Europese landen tegenaan lopen.’

Ziet u knelpunten die u kunt wegnemen?

‘Deze sancties zijn van ongekende omvang. Logisch dus dat we tegen nieuwe dingen aanlopen. Informatie delen tussen overheidsdiensten is zo’n issue. We hebben strenge privacywetgeving in Nederland en Europa. Die is er niet voor niets: overheden mogen niet zomaar informatie delen over bedrijven en personen, daar is expliciet toestemming voor nodig.

Maar als je op grote schaal sancties oplegt, dan kan privacy juist een blokkade vormen. Dat betekent dat je de regels moet aanpassen. En dat doen we dus.

Soms kunnen we die knelpunten gelijk oplossen. Een voorbeeld is de informatie-uitwisseling tussen het Kadaster en de Kamer van Koophandel, die hebben we nu goed geregeld.’

Hoe doet Nederland het ten opzichte van andere landen?

‘In Nederland hebben we nu tussen de 500 en 600 miljoen aan Russische tegoeden bevroren. Daarmee staan we niet onderaan de Europese ranglijst. Helemaal niet zelfs. 

Voor de paar landen die meer bevroren hebben, golden specifieke omstandigheden. De Franse centrale bank had bijvoorbeeld 22 miljard euro van de Russische centrale bank op zijn rekening staan. Zoiets was bij ons niet het geval.
 
In Nederland kijken we heel zorgvuldig of we bedrijven of personen hebben gemist bij de eerste ronde bevriezingen. Op dit moment hebben we geen concrete aanwijzingen dat dat op grote schaal het geval is. Wel pluizen de uitvoeringsdiensten opnieuw uit of er niet toch bedrijven of personen zijn waarvan we alsnog bezit kunnen bevriezen.’

U bent aangesteld voor een periode van 6 weken. Wat wilt u dan voor elkaar hebben?

‘In de eerste plaats geven we een helder antwoord op de vraag: hebben we iets gemist bij de oorspronkelijke bevriezing van Russische bezittingen in Nederland? Wat we in de tussentijd kunnen aanpakken, doen we gelijk.

Daarnaast laten we zien waar voor de langere termijn veranderingen nodig zijn. Denk aan regelgeving of de manier waarop ministeries, toezichthouders en de private sector samenwerken. Want ook na mijn vertrek moeten overheid en private sector elkaar goed weten te vinden.’

Meer weten: welke sancties zijn er tegen Rusland?